BouwTotaal 11 - 2025

NUMMER 11 | JAARGANG 22 | NOVEMBER 2025 PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND BOUWTOTAAL Pag. 13 BEZOEK OOK DE WEBSITE WWW.BOUWTOTAAL.NL THEMA VLOEREN TOPKWALITEIT ALUMINIUM DAK- EN GEVELPRODUCTEN Betonnen verdiepingsvloeren ALTIJD OP DE HOOGTE VAN HET LAATSTE BOUWNIEUWS? SCAN DE QR-CODE EN MELD U AAN VOOR ONZE GRATIS NIEUWSBRIEF!

WWW.PREFA.NL PREFA SIDING X TIJDLOOS DESIGN DUURZAME KWALITEIT

3 NUMMER 11 - NOVEMBER 2025 ACTUEEL Arbeidsinspectie Het is voor iedereen die werkzaam is in de bouw en infra extra opletten geblazen dit jaar. Dikke kans dat er iemand van de Nederlandse Arbeidsinspectie komt controleren om te kijken of je wel arbeidsvriendelijk werkt. Er zijn dit jaar al diverse infraprojecten stilgelegd, omdat stratenmakers volgens de Arbeidsinspectie te zwaar werden belast. Werklui stonden te lang in een te fysiek belastende werkhouding. Helemaal verrassend was deze controle niet. Eind vorig jaar kondigde de Arbeidsinspectie al aan dat zij strenger zal handhaven in 2025 en 2026. De bouwpolitie heeft aangekondigd vanaf september 2025 hun focus te leggen op verschillende werkzaamheden in de afbouwsector. Gestart wordt met de controle van zandcementdekvloeren en stukadoorswerkzaamheden. Vanaf januari 2026 worden ook plafond- en wandmonteurs en (gips)blokkenstellers aan het inspectieproject fysieke belasting toegevoegd. “Het handmatig aanmaken, transporteren en leggen van zandcementdekvloeren geeft voor de betrokken werknemers een sterk verhoogd risico op gezondheidsklachten”, aldus de Arbeidsinspectie. “Bij stukadoren is sprake van een sterk verhoogd risico op gezondheidsklachten als gevolg van handmatig tillen, repeterende werkzaamheden en werkhouding.” VALLEN EN HIJSEN Tijdens een inspectie heeft de Arbeidsinspectie verder de werkzaamheden van een onderhoudsbedrijf in de regio Haaglanden direct stilgelegd. Twee werknemers voerden schilderwerkzaamheden uit aan een woning vanaf een onveilige rolsteiger. Deze controle vond plaats vanuit de bredere inspectiecampagne gericht op veilig werken op hoogte. En als klap op de vuurpijl inspecteert de Nederlandse Arbeidsinspectie sinds 8 september extra op hijswerkzaamheden. De inspecteur let vooral op onder meer de aanwezigheid van een actueel hijsplan, keuringscertificaten, opleiding van de kraanmachinist en deskundigheid van de hijsbegeleider. Ook let men op de aanwezigheid van een anti-bots-systeem of zwenkbegrenzing op kranen wanneer er gewerkt wordt met meerdere kranen in elkaars draaibereik. Kortom: je bent gewaarschuwd! Werk veilig en volgens de regels. Anders is er risico op een boete en stillegging van een werk. Of nog erger: een medewerker raakt overbelast of er gebeurt een ongeval. Leg dat maar uit aan een partner die thuis wacht op haar echtgenoot… INHOUD COLUMN ING. FRANK DE GROOT 17 27 04 Snel Gebouwd Industriële bouwer lanceert gestapeld houtbouwconcept 05 Snel Gebouwd Column: Paar dagen naar Sylt 07 Actueel In de Spotlight 09 Actueel Den Haag Update en Bouwmonitor 11 Bouwvisie Wonen is een recht, geen vanzelfsprekendheid THEMA VLOEREN 13 Vloeren Verdiepingsvloer van gestort beton biedt veel voordelen 15 Vloeren Slanke en groene vloeren verlagen CO2footprint 17 Vloeren Zandcementvloeren aanbrengen onder de loep 21 Vloeren Droge afwerkvloeren onder KOMO-keur 23 Vloeren Veilig werken met breedplaatvloeren 25 Vloeren CO2-arme breedplaatvloeren voor Haagse woontoren EN VERDER 27 Gevels Imposant pompstation krijgt bijzondere aluminium gevel 29 Bouwkosten Houten zoldervloer of vlieringbalklaag 31 Bouwfouten Lek of gek 33 Bouwhelden Werkorganisator Aurora Karkens 34 Afbouwtips Tips voor het verlijmen van glasmozaïek 35 Afbouw Praktijkoplossingen Scheurvorming in stucplatenplafond 37 Afbouw Nieuws 38 Productnieuws Nieuws Vaker vast in de lift door stroomstoring Met de toename van het aantal stroomstoringen groeit de kans dat mensen vast komen te zitten in een lift. Hoewel het belangrijkste advies dan is om jezelf niet te bevrijden, zou één op de drie Nederlanders dat toch doen, zo blijkt uit onderzoek. Alle reden voor Liftinstituut om iedereen tijdens de internationale Safety Awareness Week (10 t/m 16 november) op te roepen om te wachten op hulp: “Het is niet de eerste keer dat mensen bij hun ontsnapping in de liftschacht vallen.” Uit recent onderzoek dat de keuringsorganisatie voor liften liet uitvoeren, blijkt dat bijna een derde van de Nederlanders al eens heeft vastgezeten in de lift. In 2015 was dat nog slechts een kwart. Liftinstituut-directeur John van Vliet: “Uit onderzoek van NOS en regionale omroepen blijkt dat vorig jaar de brandweer maar liefst 6.000 keer in actie moest komen om mensen te bevrijden uit een lift. Dat is slechts het topje van de ijsberg, want de brandweer komt alleen in noodsituaties of als de monteur te lang op zich laat wachten.” Van Vliet verwacht dat het aantal liftopsluitingen de komende jaren verder stijgt door storingen in het elektriciteitsnet: “Volgens cijfers van Netbeheer Nederland waren er vorig jaar 27.341 stroomstoringen, tegenover gemiddeld 23.426 tussen 2019 en 2023. Dat is een stijging van bijna 17 procent. En dan heb ik het nog niet gehad over de overheid die meer en meer waarschuwt voor een black-out met een stroomstoring tot 72 uur.” NIET IN PANIEK RAKEN Met de nieuwe veiligheidscampagne ‘ Vast in de lift’, vestigt Liftinstituut de aandacht op het veilig handelen bij een liftopsluiting. “We snappen dat mensen bang zijn als ze vastzitten, maar de enige juiste reactie is: druk op de alarmknop, blijf rustig en probeer nooit jezelf te bevrijden. In een stilstaande lift kan de zuurstof namelijk nooit opraken. Ook zorgt een slim beveiligingssysteem ervoor dat de lift nooit naar beneden kan vallen. De meeste liften zijn zelfs voorzien van een spreek-luisterverbinding waarmee je in verbinding blijft met de meldkamer.” Van Vliet benadrukt dat “zelf de deuren openen en je naar buiten wurmen absoluut geen goed idee is. Mensen lopen dan het gevaar om in de liftschacht te vallen. Daarbij zijn eerder al doden en zwaargewonden gevallen. Zorgwekkend is ook dat het aantal mensen dat iemand anders zou bevrijden, is gestegen van 31 procent in 2021 naar 52 procent dit jaar. Dat moet je toch echt aan geschoolde professionals overlaten.”

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 4 SNEL GEBOUWD Industriële bouwer lanceert gestapeld houtbouwconcept Snel gebouwd De kracht van prefab TEKST: ING. FRANK DE GROOT BEELD: PLEGT-VOS Op 15 september tekenden institutionele vastgoedvermogensbeheerders en woningcorporaties een gezamenlijk commitment om de CO2-uitstoot in de bouwsector structureel te verlagen. Met deze maatregel versnellen de partijen de omschakeling naar slimmer, circulair en biobased bouwen en zetten zij een nieuwe standaard voor de sector. Timber Wonen geeft hier concreet invulling aan: houtbouw met 50% minder CO2-uitstoot, met 60% minder stikstof per woning en met 70% minder fijnstof op de bouwplaats. Eén van de grootste industriële bouwers in Nederland lanceert Timber Wonen. Dit is een gestapeld houtbouwconcept waarbij de woningen in de Slimme Huizenfabriek van Plegt-Vos worden geproduceerd en op locatie geassembleerd. Dat kan zelfs tot zeven lagen hoog. Dit innovatieve houtbouwsysteem is ontwikkeld voor woningcorporaties, ontwikkelaars en beleggers die willen investeren in betaalbare en duurzame appartementen. Het nieuwe houtbouwsysteem is geschikt voor duurzame én betaalbare woningen voor sociale huur, middenhuur en betaalbare koop. Het biedt volop variatie in massa, architectuur en uitstraling. Ook is er flexibiliteit in diepte, breedte en plattegrondindeling, met flexibel in te delen ruimtes. SNELLER, DUURZAMER, BETAALBAARDER De productie van deze woningen onderscheidt zich op drie punten: • Snelheid: realisatie tot drie keer sneller dan traditionele bouw. • Betaalbaarheid: industrieel proces en slimme ontwerpkeuzes zorgen ervoor dat houtbouw wel duurzamer, maar niet duurder hoeft te zijn. • Duurzaamheid: tot 50% minder CO2-uitstoot per woning. Theo Opdam, DGA van Plegt-Vos: “Met Timber Wonen laten we zien wat vaak wordt betwijfeld: betaalbaar bouwen kan net zo goed in hout. De stap die vastgoedpartijen gezamenlijk hebben gezet, laat zien dat er duidelijke grenzen worden getrokken. Met Timber Wonen bieden wij een oplossing die past binnen deze nieuwe standaard én perspectief geeft aan woningcorporaties, ontwikkelaars en beleggers.” EERSTE PROJECT IN NIJMEGEN De woningen sluiten aan bij de PMC’s (Product-Markt-Combinaties) van de Woonstandaard: PMC 6 én PMC 7 (beide gestapelde bouw). Een PMC is een combinatie van huurprijsklasse (doelgroep/woningbezetting) en type woning. Voor elke PMC is de kwaliteit beschreven in basis prestatie-eisen. Hiermee voldoet het woningconcept aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het eerste Timber Wonen appartementencomplex komt in Lent. Voor woningcorporatie Talis realiseert Plegt-Vos hier 103 sociale huurappartementen voor 60-plussers. De bouw start in april 2026. Jan van der Meer, bestuursvoorzitter van Talis: “We zijn trots dat we dit hoogwaardige en duurzame woonproject in Lent kunnen realiseren. In een krappe woningmarkt is het essentieel dat er meer betaalbare huurwoningen bijkomen. We denken dat dit project goed past bij 60-plussers die comfortabel en misschien ook wat kleiner willen gaan wonen.”  Het nieuwe houtbouwsysteem Timber Wonen is geschikt voor duurzame én betaalbare woningen voor sociale huur, middenhuur en betaalbare koop.  Het eerste Timber Wonen appartementencomplex komt in Lent. De woningen zijn gemiddeld 57 m2 groot, hebben één slaapkamer en een buitenruimte. Het bouwplan bestaat uit twee gebouwen van zes en vier lagen, verbonden via een gezamenlijke entree met een ruimte voor ontmoeting. Daardoor is dit project uitermate geschikt voor mensen die verbinding met anderen op z’n tijd fijn vinden.  Het houtbouwsysteem Timber Wonen maakt woongebouwen mogelijk met een hoogte van maximaal zeven bouwlagen.  De woningen worden in de Slimme Huizenfabriek van Plegt-Vos geproduceerd en op locatie geassembleerd.

5 NUMMER 11 - NOVEMBER 2025 ACTUEEL COLUMN JOHAN OLTVOORT Eens per jaar maak ik een treinreis met een goede kameraad van mij. Hij is bosbouwkundig ingenieur en schrijver. Bij een glas bier en een sigaar bespreken we de toestand van de wereld. Zo waren we dit jaar naar Sylt, het laatste Waddeneiland voor Denemarken, een eiland waar je uitsluitend met de boot of met de trein kunt komen. Voordat ik op reis ging heb ik een boek gelezen, geschreven door econoom Paul Schenderling en het heet ‘Continent van de kwaliteit’. Een boek dat me aan het denken heeft gezet en me ook de gevolgen van het huidige economisch denken heeft laten zien. In de huidige maatschappij is alles gericht op de economie. Alsof het een doel op zichtzelf is. Groeien, consumeren en rendement zijn zaken waar we veel op focussen. Terwijl eigenlijk de economie geen doel maar een middel is. Gaat het in het leven, als het er echt op aan komt, niet over andere zaken? Zaken zoals vrijheid, vrede, rechtvaardigheid en naastenliefde? Hoe houden we de aarde leefbaar en zijn we goede rentmeesters? Is het belangrijk om veel niet-essentiële producten de wereld over te sturen vanwege de drang om te consumeren? Waardevolle grondstoffen te gebruiken voor weggooi producten? Hoe kunnen we elkaar in de ogen kijken met respect en in gelijkwaardigheid? Ook naar de mensen die verder weg wonen en hun grondstoffen beschikbaar stellen? Misschien is schaalvergroting en de verregaande globalisering niet altijd even goed. Dat boek is overigens een aanrader. DEUTSCHE BUNDESBAHN Als voorbeeld van het vastlopen van de economie is bijvoorbeeld de Deutsche Bundesbahn. We hadden tickets gekocht voor de intercity met gereserveerde plaatsen en een perfecte planning. Maar helaas: die had vertraging. Onze volgende overstap zouden we waarschijnlijk gaan missen! Maar het werd nog erger, want opeens werd omgeroepen dat de trein niet verder ging en twee stations voor het eindpunt stopte. Weg aansluiting en gereserveerde plaats in de volgende trein. Zoek het verder maar uit. Zou de trein doorgereden zijn dan zouden mensen recht hebben op een teruggave van een gedeelte van de reiskosten vanwege vertraging. Geen conducteur gezien. Oorzaak volgens mij te efficiënt/ goedkoop/krap plannen met gammele infrastructuur en materieel. Een dag later gingen we met een trein over het hoofdspoor en moesten overstappen naar een kleine regionale spoorwegmaatschappij. De trein waarin we zaten had ook vertraging. Hoe bijzonder was het dat hier de overstap wel goed ging omdat de aansluitende boemel 5 minuten had gewacht. “Dat doen we altijd, meneer.” En een vriendelijke conducteur de mensen begeleide naar hun zitplaats. Het was wel een trein met een bijzondere samenstelling: een dieseltreinstel, twee ultragestroomlijnde wagons van de ICE en een ronkende energiewagen. Door kleinschaligheid, vriendelijkheid en aandacht voelt het toch anders. Dat geldt voor de spoorwegmaatschappijen en voor ons als bouwers ook. Laat de kwaliteit niet versloffen door de ‘vervreemding’ van de uiteindelijke klant. Ik hoop dat er een beweging op gang komt, ook in de bouw, waarin we er kunnen zijn voor elkaar. Dat we mogen werken vanuit vrijheid, vrede, rechtvaardigheid en menselijkheid. Een bijzondere opdracht voor een nieuwe regering die er komt na de verkiezingen en natuurlijk voor ons allemaal. Johan Oltvoort Directeur Olbecon en Olcas Johan geeft maandelijks in BouwTotaal zijn visie op de rol van prefab in de bouw. Paar dagen naar Sylt  De regionale trein had een bijzondere samenstelling: een dieseltreinstel, twee ultragestroomlijnde wagons van de ICE en een ronkende energiewagen.  Fraaie traditionele woningen in Kampen op Sylt. Kabinet vermindert regeldruk woningbouw Het kabinet neemt nieuwe maatregelen om meer woningen sneller en goedkoper te bouwen. De geluidsnormen worden langs spoorwegen niet strenger. De technische vergunning- en meldingsplicht vervalt voor woningen met een erkende kwaliteitsverklaring. En bezwaar- en beroepsprocedures worden sneller afgehandeld. Dat maakt minister Keijzer van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening bekend in een brief op 10 oktober 2025 aan de Tweede Kamer als reactie op het adviesrapport STOER. Het kabinet wil meer woningen bouwen. Om dit te stimuleren stelt het kabinet de volgende maatregelen voor op basis van STOER: • Makkelijker en goedkoper bouwen door geluidsnormen langs het spoor niet te verhogen. • Duidelijke landelijke afspraken over water en bodem. • Tijdige beschikbaarheid van nutsvoorzieningen. • Eenvoudiger flora- en faunaprocedures. • Aanpak knelpunten bij spuitzones en natuurregels. MAATREGELEN Spoorzones zijn interessante bouwlocaties vanwege de goede bereikbaarheid, maar steeds strengere geluidsnormen hinderen de woningbouw. De besluitvorming over strengere geluidsnormen langs sporen gaat niet door, waardoor dure aanpassingen van gevels niet langer nodig zijn. Daarnaast wordt gewerkt aan een nieuwe, eenvoudiger methode om de optelsom van geluid te beoordelen bij vliegtuiglawaai. Bij het bouwen van woningen wordt ook rekening gehouden met water en bodem. Om het bouwen in gebieden die kwetsbaar zijn voor wateroverlast voorspelbaarder te maken, komt hier een uniforme norm voor. Ook werkt het kabinet aan het garanderen van de beschikbaarheid van drinkwater en het aanpakken van netcongestie. Daarnaast verdient de flora en fauna bescherming, maar door ingewikkelde procedures duurt het lang om vergunningen voor woningbouw en renovatie te krijgen. Het kabinet onderzoekt of dit proces versneld kan worden door middel van een landelijk netwerk van Soortenmanagementplannen (SMP’s). Daarnaast komt het kabinet met praktische handvatten om regels voor bouwen vlakbij landbouwgrond te verduidelijken. Bovendien zet het kabinet zich in Brussel in voor versoepeling van natuurcompensatieprocedures. GOEDKOPERE WONINGBOUW STOER stimuleert ook het goedkoper maken van de woningbouw met de volgende maatregelen: • Versoepeling bouwtechnische eisen. • Gratis toegang tot eerste lijns bouwnormen (Bbl). • Meer ruimte voor fabrieksmatig bouwen. • Digitalisering en standaardisering. De versoepeling van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) wordt in het voorjaar van 2026 aan de Kamer voorgelegd. De regels voor trappen, plafondhoogte en het geluid tussen ruimten worden versoepeld. Ook wordt de daglichtnorm teruggedraaid en wordt de checklistplicht voor veilig gebouwonderhoud beperkt. Dit leidt tot lagere bouwkosten zonder de veiligheid en gezondheid uit het oog te verliezen. Vanaf medio november 2025 zijn de NEN-normen, die in de bouwregelgeving (Bbl) zijn aangewezen, gratis online in te zien. Daarnaast vervalt de vergunning- en meldingsplicht voor de technische bouwactiviteit bij woningen die een erkende kwaliteitsverklaring hebben voor bouwen en montage op de bouwplaats. Hierdoor kan sneller en goedkoper in serie gebouwd worden. Ook gaat het kabinet gegevensuitwisseling in de bouw standaardiseren. SNELLER BOUWEN Om bij te dragen aan sneller bouwen, stelt het kabinet op advies van STOER de volgende maatregelen voor: • Snellere afhandeling van bezwaar- en beroepsprocedures. • Voorrang beroepszaken. • Meer uitvoeringskracht bij gemeenten en provincies. • Snellere en slimmere onderzoeken. • Pragmatischer milieueffectrapportages (MER) en archeologisch onderzoek. Juridische procedures leiden tot grote vertraging in de woningbouw. Om deze vertraging te beperken worden bezwaar- en beroepsprocedures sneller afgehandeld en krijgen procedures bij woningbouw voorrang bij de Raad van State. Het kabinet wil besluitvorming door medeoverheden versnellen en zet in op het vergroten van de uitvoeringskracht van gemeenten en provincies.  STOER stimuleert ook het goedkoper maken van de woningbouw door bijvoorbeeld meer ruimte te geven voor fabrieksmatig bouwen. Foto: Daiwa House Modular Europe.  Er komt een snellere afhandeling van bezwaar- en beroepsprocedures.  Steeds strengere geluidsnormen hinderen de woningbouw bij spoorzones. De besluitvorming over strengere geluidsnormen langs sporen gaat daarom niet door, waardoor dure aanpassingen van gevels niet langer nodig zijn. Foto: Alcedo.

SNEL, SCHOON, SAFE EN NÓG DUURZAMER! PIF Biobased isolatiefolie is gemaakt van suikerriet. De natuurlijke grondstoffen worden gewonnen uit het restproduct van de rietsuikerproductie. PIF Biobased is voorzien van een BCRG verklaring en draagt aantoonbaar bij aan het verlagen van de milieubelasting en CO2-uitstoot in de bouw. PIF Biobased heeft dezelfde eigenschappen als de standaard PIF isolatie en is net zo snel, schoon en safe te verwerken. Meer weten? pifbiobased.nl NIEUW: PIF BIOBASED ISOLATIE DIRECT VAN HET LAND MEER WETEN OVER PIF BIOBASED? PIFBIOBASED.NL DE NIEUWE NORM IN ISOLEREN

7 NUMMER 11 - NOVEMBER 2025 ACTUEEL Duurzaam en efficiënt bouwen met staalplaatbetonvloeren In de hedendaagse bouwpraktijk staan duurzaamheid, efficiëntie en ruimtebesparing centraal. Vooral in binnenstedelijke projecten zoeken architecten en aannemers naar slimme vloeroplossingen. REPPEL specialist building solutions speelt hier al 95 jaar op in. Met zijn innovatieve staalplaatbetonvloeren biedt het bedrijf een veelzijdig en doordacht antwoord op de bouwuitdagingen van vandaag en morgen. voor renovaties, lichte staalconstructies of situaties waarin de onderzijde van de platen in het zicht blijft. Wij leveren de LEWIS 0.7-platen ook met een duurzame Magnelis ZM310-corrosiebescherming, waardoor ze geschikt zijn voor buitentoepassingen”, vertelt Van Dooremalen. “Dankzij hun sterkte en stijfheid kunnen deze platen ook worden afgewerkt met een droge plaatafwerking en toegepast worden als warmdakplaat in lichte, slanke dakconstructies of als bevestigingselement in gevelsystemen. Wij produceren de platen in lengtes op maat tot zelfs meer dan 7,00 meter. Deze lengtes zijn binnen circa vier tot vijf werkdagen al leverbaar. Door ons maatwerk wordt bovendien het materiaalverbruik beperkt.” TOEPASBAAR IN UITEENLOPENDE PROJECTEN Staalplaatbetonvloeren worden vaak toegepast in situaties waar bouwlogistiek een uitdaging is, zoals bij binnenstedelijke transformaties. REPPEL biedt echter meer dan alleen materialen: “Ons technische team ondersteunt architecten en bouwprofessionals van concept tot realisatie, met legplannen, detailuitwerkingen en statische berekeningen. Zo verloopt elk project vlot, veilig én duurzaam”, besluit Van Dooremalen. IN DE SPOTLIGHT De HODY staalplaatbetonvloeren van REPPEL combineren geprofileerde stalen platen met een betonlaag. Dat resulteert in een slanke, lichte én sterke vloeroplossing. “Onze stalen HODY platen fungeren als verloren bekisting én onderwapening. Dit betekent minder materiaalgebruik én minder arbeid op de bouwplaats. De slimme profilering garandeert een optimale samenwerking tussen staal en beton, waardoor een vloer met minimale dikte toch hoge prestaties levert”, legt Reginald van Dooremalen van REPPEL uit. “Door het efficiënte gebruik van staal en beton zorgen deze vloeren voor een significante reductie van CO2- en stikstofuitstoot”, vult Van Dooremalen aan. “Ook logistiek en verwerking op de bouwplaats verlopen sneller, wat zich vertaalt in lagere kosten en een kleinere ecologische voetafdruk. Met vier profielhoogtes en verschillende staaldiktes en -kwaliteiten kan per project de meest geschikte vloer worden samengesteld.” LEWIS ZWALUWSTAARTPLATEN Voor toepassingen waarbij nóg slanker gebouwd moet worden, bieden de LEWIS Zwaluwstaartplaten een uitkomst. “Naast de standaarduitvoering hebben we ook de LEWIS 0.7 Zwaluwstaartplaten. Met een staaldikte van 0,7 mm zijn deze platen geschikt voor vloerdiktes vanaf slechts 50 mm en overspanningen tot 1,95 meter, zonder tijdelijke ondersteuning. Deze platen zijn ideaal MEER INFORMATIE: WWW.REPPEL.NL Bespaar 50% energie per douchebeurt met Douchebak-WTW De ACO DSS Douchebak WTW is een snelle, praktische oplossing wanneer je een energiebesparende maatregel wilt toepassen in een woning. Denk hierbij aan bijvoorbeeld een toepassingen in (studenten) flats. Wat veel mensen niet weten is dat in een moderne goed geïsoleerde woning niet de muren, ramen of het dak het grootste energieverlies opleveren, maar de riolering. Hier verlies je de meeste warmte in huis. Gelukkig komt de vraag om warmteterugwinning uit douchewater komt steeds vaker voor. Een ACO DSS Douchebak met warmtewisselaar (wtw) zorgt ervoor dat de warmte van douchewater niet zomaar wegstroomt naar de riolering, maar dat het gebruikt wordt voor de opwarming van het toestromende koude kraanwater. Hierbij wordt het nuttige met het aangename gecombineerd: een nette douchebak in de badkamer en tegelijkertijd energie besparen en comfort verhogen. Kortom, installeer een douchegootbak WTW in iedere nieuwe of te renoveren badkamer! ZO FUNCTIONEERT DE DOUCHEBAK MET INGEBOUWDE WARMTEWISSELAAR Tijdens het douchen wordt het warme douchewater opgevangen in de douchebak. Hier stroomt het langs de koperen buizen van de warmtewisselaar die deze warmte afgeven aan het toestromende koude water. Hierdoor wordt het leidingwater tot 20 graden opgewarmd. Dit voorverwarmde water stroomt verder naar de douchekraan, waardoor de cv-ketel of warmtepomp minder heet water hoeft te leveren voor de gewenste douchetemperatuur. Door te investeren in een douchebak-WTW wordt bij iedere douchebeurt energie en geld bespaard! MEER INFORMATIE: WWW.ACO.NL IN DE SPOTLIGHT  HODY 206 Staalplaatbetonvloer in KBF Warehouse te Amsterdam.  LEWIS 0.7 Zwaluwstaartplaten in 80 mm betondakvloer bij transformatieproject.

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 8 KOMO.® Kwaliteit zoals beloofd. Wkb: Een KOMO-certificaat levert kwaliteit en vertrouwen. Onder de nieuwe bouwwetgeving draait alles om aantoonbare kwaliteit. Producten en bouwprocessen met het KOMO-keurmerk hebben daarom de voorkeur. Want daarvan staat vast dat ze aan alle eisen voldoen. Keer op keer door onafhankelijke deskundigen getoetst. KOMO-certificaten leveren de bouwkolom extra voordelen: Ook vooraan staan in de Wkb? Laat uw product of proces nu certificeren. Kijk op: KOMO.NL DE CERTIFICAATHOUDER Een voorrangspositie in de keuze voor zijn product of proces. DE AANNEMER Vertrouwen in geleverde kwaliteit. DE OPDRACHTGEVER Besparing op de kosten van de kwaliteitsborger.

9 NUMMER 11 - NOVEMBER 2025 ACTUEEL Den Haag update Nieuws vanaf het Binnenhof WIJZIGINGEN BBL Minister Mona Keijzer van VRO heeft 27 oktober een aantal wijzigingen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) voorgelegd aan de Eerste en Tweede Kamer. De wijzigingen moeten zorgen voor meer duidelijkheid voor de bouwpraktijk en spelen in op actuele thema’s in de woningbouw. In het Bbl worden twee nieuwe gebruiksfuncties opgenomen: nultredenwoningen en zorggeschikte woningen. Doel is om voldoende huisvesting te creëren voor specifieke doelgroepen, zoals ouderen en mensen met een zorgvraag. Hiermee wordt landelijk vastgelegd wat het minimale voorzieningenniveau van deze woningen is. De eisen zijn gericht op bruikbaarheid en toegankelijkheid. AANVULLENDE EISEN PUR-SCHUIM Voor het gebruik van PUR-schuim in kruipruimten van woningen staan regels in het Bbl. Zo mogen bewoners tijdens de werkzaamheden niet in de woning aanwezig zijn en gelden er ventilatievoorschriften. De regels in het Bbl gelden straks ook voor het gebruik van PUR-schuim in spouwmuren en onder daken. Het gaat hierbij om PUR-schuim dat op locatie wordt gemaakt uit twee componenten, te weten polyol en isocyanaat, waaraan een blaasmiddel wordt toegevoegd. Daarnaast komt er een informatieplicht voor bedrijven, zodat gemeenten weten hoe en waar PUR-schuim wordt toegepast. VERPLAATSBARE WONINGEN Ook worden de regels voor het verplaatsen van bouwwerken in het Bbl aangepast. Verplaatsbare woningen (flexwoningen) en andere bouwwerken van nieuwbouwkwaliteit, hoeven bij ongewijzigd verplaatsen niet te voldoen aan de dan geldende nieuwbouweisen. Ook hoeven bouwwerken die ergens tijdelijk zijn geplaatst, maar oorspronkelijk wel volgens de nieuwbouwregels gebouwd, niet aangepast te worden als besloten wordt dat ze langer kunnen blijven staan. Daarnaast worden de eisen die gelden bij het verplaatsen van de woningen verduidelijkt. VERBLIJFSVOORZIENINGEN VOOR BESCHERMDE DIERSOORTEN Voor nieuwbouw van utiliteitsgebouwen (zoals scholen en kantoren) komt er een verplichting om verblijfsvoorzieningen te realiseren voor beschermde diersoorten, zoals de huismus, de gierzwaluw en de vleermuis. In het regeerakkoord is afgesproken dat er geen nieuwe duurzaamheidseisen komen voor nieuwbouwwoningen. Daarom geldt deze verplichting alleen voor utiliteitsbouw. UITBREIDING WONINGVOORRAAD De vraag naar nieuwbouw blijft met de huidige woningschaarste enorm. Bottlenecks voor meer woningbouw zitten vooral aan de aanbodkant die de afgifte van nieuwe bouwvergunningen beperkt. Over het algemeen resulteert een stijging van het aantal vergunningen na ruim 1,5 jaar tot een stijging van het aantal afgebouwde woningen. De groei van het aantal vergunningen voor nieuwbouw stokt en beleidsaanpassingen zullen waarschijnlijk pas over enkele jaren beperkt effect hebben. WONINGVOORRAAD De benodigde uitbreiding van de woningvoorraad wordt niet alleen door nieuwbouw beïnvloed. Ook andere factoren als transformatie van bedrijfspanden naar woningen en woningsplitsing laten de voorraad toenemen. Deze overige toevoegingen hebben de afgelopen 10 jaar een daling laten zien van circa 30.000 in 2015 naar ruim 20.000 in 2024. Vooral minder transformaties zijn hier waarschijnlijk de oorzaak van. Veel laaghangend fruit, van bijvoorbeeld transformatie van leegstaande kantoren op gewilde locaties, is geplukt. Tegenover de toevoegingen staan onttrekkingen door woningsamenvoegingen, maar ook door vooral sloop. Zo worden er jaarlijkse circa 10.000 woningen (vooral door woningcorporaties) gesloopt en neemt het aantal woningen af, vooral doordat er woningen samen worden gevoegd. Het aantal sloopwoningen is relatief stabiel met jaarlijks ruim 10.000 woningen en het aantal onttrekBOUWMONITOR B&U kingen is de afgelopen 10 jaar afgenomen van ruim 16.000 naar 7.200. Per saldo nam de woningvoorraad in 2024 met 70.240 woningen toe. Maurice van Sante ING Research  maurice.van.sante@ing.com Frank de Groot Hoofdredacteur BouwTotaal  frank@handelsuitgaven.nl Eerste 3D-geprinte koopwoningen van Nederland In 2021 had Eindhoven al de wereldprimeur van ’s werelds eerste bewoonbare 3D-geprinte woning. Nu, vier jaar later, krijgt project Milestone op dezelfde locatie een vervolg met de realisatie van nog eens vier 3D-betongeprinte woningen. Ditmaal voorzien van twee of drie bouwlagen en voor het eerst ook beschikbaar voor particuliere kopers. Een nieuwe mijlpaal in de ontwikkeling van 3D-geprinte woningen. Na de realisatie van de eerste 3D-geprinte woning is achter de schermen hard gewerkt aan de verdere ontwikkeling van de printtechniek. Saint-Gobain Weber, met een 3D-printfabriek gevestigd op bedrijventerrein de Hurk in Eindhoven, heeft de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in de ontwikkeling van het productieproces. Hierdoor is nu het bouwen van zelfdragende, 3D-geprinte woningen met meerdere verdiepingen mogelijk. Mede in samenwerking met de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) is het productieproces de afgelopen jaren tot in detail verder uitgewerkt, getest en geoptimaliseerd. Daarop zijn er twee nieuwe woningtypes ontwikkeld (Hoodoo en Navajoo) die, in tegenstelling tot de eerste woning, bestaan uit meerdere verdiepingen. NIEUWE ONTWERPEN De nieuwe woningen halen hun constructieve eigenschappen volledig uit het geprinte beton, een wereldwijd unieke eigenschap binnen de 3D-geprinte woningbouw. De nieuwe woningen passen door het organische ontwerp – een bewoonbare ‘zwerfkei’ - bij de eerder gerealiseerde woning en de bosrijke omgeving. Van ieder type woning worden er twee geplaatst aan de Bosuil in Eindhoven. In tegenstelling tot de eerste huurwoning, worden de nieuwe woningen te koop aangeboden. Van ieder type komen twee exemplaren beschikbaar. Op 6 november gingen de vier 3D-geprinte woningen in de verkoop. De woonoppervlakte varieert van 113 tot 124 m² en prijzen beginnen bij € 635.000,- (v.o.n.). REALISATIE De onderdelen voor de woningen worden door Saint-Gobain Weber in eigen fabriek 3D-geprint, waarna deze op locatie door bouwbedrijf Van Wijnen in elkaar gezet worden. Naar verwachting zal de bouw van de woningen midden 2026 van start gaan. Hierna koopt men de sleutels in het voorjaar van 2027 over te dragen aan de nieuwe bewoners. SAMENWERKING Kenmerkend voor het project Milestone is de samenwerking tussen overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven. De gemeente Eindhoven is mede-initiatiefnemer, aanjager van innovatie en faciliteert het project. De TU/e deed onderzoek en ontwikkelde modellen om het 3D-betonprinten mogelijk te maken en Saint-Gobain Weber is verantwoordelijk voor het 3D-printen van alle onderdelen. Houben / Van Mierlo Architecten heeft verder de woningen ontworpen, Witteveen+Bos heeft de bouwtechnische en constructieve aspecten uitgewerkt en bouwbedrijf Van Wijnen leidt het project en bouwt de woningen op locatie. Op www.woneninmilestone.nl is meer informatie te vinden over de kenmerken van de woningen.

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 10 Biobased isolatiefolie: ontwikkeld om nóg duurzamer te isoleren NAAST VERWERKINGSGEMAK EN ISOLATIEWAARDE ZOEKEN WE CONTINU NAAR MANIEREN OM ONZE PRODUCTEN VERDER TE VERBETEREN. PIF BIOBASED IS DAARBIJ EEN BELANGRIJKE VOLGENDE STAP. PIF Isolatie wil vakmensen voorzien van het allerbeste isolatiemateriaal. De isolatiefolies van PIF zijn al zeer duurzaam, maar er is altijd ambitie om de isolatieproducten te verbeteren en nóg duurzamer te maken. Er ligt landelijk namelijk een flinke uitdaging om de woningvoorraad energiezuiniger te maken en hierbij worden steeds hogere eisen gesteld aan het verlagen van de milieu-impact van de bouwmaterialen. Het resultaat: PIF Biobased. Een nieuwe generatie isolatiefolie op basis van natuurlijke grondstoffen uit suikerriet. PIF Biobased heeft dezelfde kenmerken als de bekende meerlaagse isolatiefolies van PIF en draagt aantoonbaar bij aan een lagere milieubelasting en CO2-uitstoot in de bouw. RESTPRODUCT ALS BIOGRONDSTOF Aan de ontwikkeling van PIF Biobased is ruim 2 jaar gewerkt. Hierbij is samengewerkt tussen de product- en R&D specialisten van PIF, toeleveranciers en onafhankelijke onderzoeksbureau’s. Het doel was om de toch al duurzame isolatieproducten nog verder te ontwikkelen. Met behoud van de huidige producteigenschappen om snel, schoon en safe te isoleren. PIF Biobased wordt gemaakt van suikerriet dat primair voor de productie van rietsuiker wordt gebruikt. Hierdoor is er geen extra belasting van het milieu. Uit het restproduct van de rietsuikerproductie wordt de biogrondstof gemaakt voor de folies. Suikerriet groeit meermaals aan uit eigen wortelscheuten en neemt tijdens de groei circa 40 ton CO2 per hectare per jaar op. Daarmee heeft het gewas een positieve CO2-impact. PIF Biobased is getoetst door een onafhankelijk adviesbureau als biobased product. Alle PIF Biobased producten beschikken over een BCRG-kwaliteitsverklaring, waardoor de energieprestaties formeel erkend zijn. Hierdoor komt PIF Biobased in aanmerking voor ISDE-subsidie. SNEL, SCHOON EN SAFE ISOLEREN PIF isolatie is meerlaagse isolatiefolie, opgebouwd uit luchtkamers en reflectiefolie. De isolatie is dampdicht en wordt luchtdicht afgewerkt. PIF is licht van gewicht en snel, schoon en safe te verwerken met standaard gereedschap. Bij de montage komt er geen stof vrij, waardoor speciale persoonlijke beschermingsmiddelen niet nodig zijn. Ook is er geen overlast voor bewoners en kunnen ze tijdens het aanbrengen van de isolatie in de woning blijven. In het PIF Experience & Training Center worden isolatieprofessionals opgeleid. Tijdens de training -onder leiding van een ervaren trainer- wordt naast kennis over warmteverlies, in praktijkopstellingen geleerd om de producten op de juiste wijze zo efficiënt mogelijk toe te passen. Wanneer de verwerkingspartner de producten volgens de verwerkingsvoorschriften monteert geeft PIF 10 jaar systeemgarantie op de toegepaste PIF producten. BIOBASED ISOLEREN VOOR ELKE TOEPASSING PIF Biobased is verkrijgbaar in dezelfde varianten als de andere PIF producten: PIF ROOF voor isolatie van hellende daken aan de binnenzijde, PIF WALL voor voorzet- en tussenwanden en PIF FLOOR voor isolatie van begane grondvloeren via de kruipruimte. Zo wordt biobased isoleren toegankelijker voor een brede groep professionals in de isolatiesector. PIF Biobased is dampdicht en vochtwerend en hierdoor uitermate geschikt voor het isoleren van begane grondvloeren via kruipruimtes. Het aanbrengen van een extra dampremmende laag is hierbij niet nodig. Bij toepassing tegen een hellend dak heeft PIF als voordeel dat het licht van gewicht is. Hierdoor is versteviging van de dakconstructie niet nodig. PROJECTPARTNER VOOR DE BOUW Naast het leveren van duurzame isolatie is PIF een professionele partner in renovatieprojecten. Een team van adviseurs kan ondersteuning bieden op projecten en toezien op een juiste en efficiënte toepassing. Zodat de isolatieprojecten binnen planning en budget kunnen worden uitgevoerd. Met PIF On Demand biedt PIF extra service op grote renovatieprojecten. Op de bouwlocatie worden containers met PIF geplaatst, waardoor er altijd voldoende materiaal beschikbaar is. De voorraad wordt door PIF op peil gehouden en eventueel restmateriaal afgevoerd. Hierdoor worden logistieke bewegingen en overlast voor wijk en bewoners beperkt. Ook dat is duurzamer isoleren. OVER PIF ISOLATIE PIF Isolatie is een merk van Reflex Insulation Group, marktleider in meerlaagse isolatiefolies en gevestigd in Echt (Limburg). In onze visie is de combinatie van productontwikkeling en maximale ondersteuning van de verwerkers de weg vooruit richting een klimaatneutraal Europa en een volledig circulaire economie in 2050. www.pifbiobased.nl Mark Lammers, algemeen directeur Reflex Insulation Group

11 NUMMER 11 - NOVEMBER 2025 ACTUEEL “Mijn kind wil ook een huis.” Die uitspraak lees ik regelmatig op sociale media zodra er weer een bericht verschijnt over de huisvesting van statushouders. En eerlijk is eerlijk: ik begrijp de emotie. Want de krapte op de woningmarkt is groot en raakt velen. Jongeren die niet loskomen van het ouderlijk huis, gescheiden mensen die geen betaalbare woning vinden, ouderen die wel wíllen doorstromen maar geen passende woning zien. De woningnood is voelbaar, dichtbij en menselijk. De krapte op de woningmarkt is niet ontstaan omdat er statushouders worden gehuisvest. Die verplichting van gemeenten is slechts één radertje in een veel groter geheel. De werkelijke oorzaken liggen in jarenlange onderproductie, stijgende bouwkosten, ingewikkelde procedures én – laten we eerlijk zijn – onze eigen houding. We willen wél meer woningen, maar liever niet in onze eigen achtertuin. Het bekende NIMBY-gedrag (‘Not In My Back Yard’) zorgt ervoor dat projecten vertragen of zelfs sneuvelen. Geluid, uitzicht, verkeer, groen: er is altijd wel iets dat een plan in de weg zit. Begrijpelijk, maar het houdt de woningnood in stand. En zolang we bouwen als een bedreiging blijven zien in plaats van als een oplossing, verandert er weinig. SAMEN VERANTWOORDELIJK Onze Grondwet zegt in artikel 22, lid 2: ‘Bevordering van voldoende woongelegenheid is voorwerp van zorg der overheid.’ Dat betekent dat de overheid een zorgplicht heeft: ze moet zich inspannen om voldoende woonruimte te creëren. Maar het is géén afdwingbaar recht. Niemand kan naar de rechter stappen om een woning op te eisen. Wonen is dus een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De overheid moet zorgen voor voorwaarden, maar burgers spelen zelf ook een rol: door keuzes te maken, door te verhuizen naar waar wél plek is, of door ruimte te bieden aan nieuwe vormen van wonen. We zien bovendien dat jongere generaties anders naar werk en wonen kijken. Voor veel jongeren is werk een middel, niet het doel. Ze willen zingeving, balans, vrijheid; allemaal waardevolle dingen. Maar een huis komt niet vanzelf aanwaaien. Het vergt inzet, sparen, soms concessies doen. Tien jaar sparen terwijl je nog thuis woont, een baan kiezen die financiële zekerheid biedt, of verhuizen naar een regio met meer aanbod; het zijn keuzes die niet altijd leuk zijn, maar wel helpen. De inschrijfduur in Lelystad is bijvoorbeeld de helft van die in Ermelo. Ook ouders hebben hierin een rol. Niet alleen door te helpen sparen of een familiehypotheek te verstrekken, maar ook door zelf door te stromen. Wie eengezinswoningen bezet houdt terwijl de kinderen al jaren uit huis zijn, houdt letterlijk ruimte bezet die anderen hard nodig hebben. Dat vraagt om lef en solidariteit. Durven loslaten wat vertrouwd is, zodat anderen kunnen beginnen. NAAR ‘ONS WONEN’ Gelukkig ontstaan er steeds meer initiatieven: flexwonen, tijdelijke woningen, wonen in de achtertuin. Oplossingen die passen bij deze tijd, waarin ruimte schaars is en we creatief moeten omgaan met wat er wél is. Ik denk dat het NIMBY-gevoel verdwijnt zodra het om eigen familie gaat: een woonunit voor je kind in de tuin? Prima. Maar als de buurman hetzelfde doet voor iemand anders kan het ineens een discussiepunt worden. Daar ligt precies onze uitdaging: van mijn huis, naar ons wonen. Wonen is een recht, maar geen vanzelfsprekendheid. Het vraagt om actie van de overheid én verantwoordelijkheid van ons allemaal. Zolang we vooral wijzen naar anderen – de overheid, de buren, of de statushouders – lossen we de woningnood niet op. Pas als we bereid zijn om te bouwen, te delen en te bewegen, creëren we echt ruimte. Ruimte om te wonen, maar ook om elkaar weer wat meer te gunnen. Arap-John Tigchelaar, wethouder gemeente Ermelo Wonen is een recht, geen vanzelf- sprekendheid BOUWVISIE ARAP-JOHN TIGCHELAAR Veilig gedrag werkt elke dag! De jubileumeditie van de Bewust Veilig-dag komt eraan! Op woensdag 25 maart 2026 vindt de tiende editie van deze dag plaats. De bouw-, techniek-, infra- en onderhoudssector staan dan weer gezamenlijk stil bij het belang van veilig en gezond werken. Alleen hoort veiligheid niet slechts één dag per jaar, maar dagelijks op één te staan. Daarom luidt de slogan deze editie: Veilig gedrag werkt elke dag! Al tien jaar lang staat in de bouw-, techniek-, infra- en onderhoudssector jaarlijks één dag volledig in het teken van veilig en gezond werken. Bouwend Nederland, Techniek Nederland, OnderhoudNL en Aannemersfederatie Nederland organiseren deze dag om het bewustzijn rond dit thema te vergroten. Op die manier willen ze de uitval van medewerkers in deze sectoren terugdringen. MEER DAN 1.000 BEDRIJVEN De afgelopen jaren bleek al dat het thema veilige en gezonde arbeidsomstandigheden leeft binnen deze sectoren. Ieder jaar doen er meer bedrijven mee aan de Bewust Veilig-dag, tot een recordaantal van wel 1.086 bedrijven in 2025. Toch gaat het nog af en toe fout op de bouwplaats, langs de weg, op het dak of op andere risicovolle werkplekken. De organisatoren hopen dan ook dat nóg meer bedrijven zich aansluiten voor deze jubileumeditie en daarmee het bewustzijn onder medewerkers vergroten. De slogan voor deze Bewust Veilig-dag is dan ook niet voor niets gekozen. Eén dag in het jaar aandacht voor veiligheid is belangrijk, maar niet voldoende. Om het werk in deze sectoren zo veilig mogelijk te houden, moet een veilige werkplek iedere dag prioriteit hebben. Met de slogan ‘Veilig gedrag werkt elke dag!’ wil de organisatie dat belang benadrukken. INVULLING VAN DE BEWUST VEILIGDAG Bedrijven die deelnemen aan de Bewust Veilig-dag, bepalen zelf hoe zij deze dag invulling geven. De organisatie stelt hiervoor verschillende hulpmiddelen beschikbaar. De afgelopen jaren konden werknemers bijvoorbeeld meedoen aan de online toolboxen over diverse veiligheidsthema’s. Ook verschijnt er jaarlijks een nieuwe Bewust Veilig-krant. Daarnaast organiseren veel bedrijven hun eigen leuke initiatieven. Neem voor voorbeelden van de afgelopen jaren een kijkje op bewustveilig.com AANMELDEN Bedrijven die zich nu al aanmelden, blijven op de hoogte van alles wat rond de Bewust Veilig-dag wordt georganiseerd. Daarnaast leert de praktijk dat een tijdige voorbereiding helpt om er een geslaagde dag van te maken. De Bewust Veilig-dag lijkt nog ver weg, maar 25 maart komt sneller dan je denkt. Bedrijven kunnen zich dus nu inschrijven via www. bewustveilig.com/aanmelden.  Meld je aan! Ga naar www.bewustveilig.com/aanmelden.

KIJK HIER VOOR DE ONTWERPRICHTLIJNEN Kijk vooruit Tijd voor meer lucht in appartementenbouw! Slimme appartementenbouw met VBI kanaalplaatvloeren Sneller 30% kortere bouwtijd Efficiënter Prefab en conceptueel bouwen Duurzamer 50% minder CO₂- uitstoot, 100% circulair en volledig remontabel Lichter 40% minder beton, 50% minder staal – zonder concessies aan kwaliteit Minder materiaal. Meer snelheid. Maximale duurzaamheid. Kijk vooruit op vbi.nl/appartementen

13 NUMMER 11 - NOVEMBER 2025 VLOEREN Betonnen verdiepingsvloeren Herbruikbaarheid gestorte betonelementen De Nederlandse overheid streeft naar een klimaatneutrale samenleving in 2050, met een tussendoel van minimaal 55% CO2-reductie in 2030. Eén van de mogelijke strategieën om deze doelen te halen, is het hergebruiken van constructieve elementen uit bestaande gebouwen, maar er kan mogelijk ook in nieuwe gebouwen al rekening mee worden gehouden. Het opnieuw gebruiken van betonnen elementen uit een gestorte vloer vermindert de vraag naar nieuwe materialen en beperkt bouwafval. In haar afstudeeronderzoek aan de TU Delft onderzocht Femke Middeldorp (nu werkzaam bij Witteveen+Bos) de haalbaarheid van het hergebruiken van ter plaatse gestorte betonelementen in nieuwe gebouwconstructies. Deze elementen zijn oorspronkelijk niet ontworpen voor demontage of hergebruik, wat uitdagingen oplevert bij integratie in een nieuwe draagstructuur. Het onderzoek identificeerde structurele en praktische obstakels, zoals de effecten van zagen, transport, veranderde steunpunten en gewijzigde krachtverdelingen. Middeldorp vergeleek verschillende verbindingsmethoden via een Multi-Criteria Analysis (MCA) en concludeerde dat zowel vaste als scharnierende verbindingen succesvol kunnen worden toegepast. Vooral scharnierende verbindingen die hergebruikte en nieuwe elementen combineren, blijken in de huidige bouwpraktijk het meest uitvoerbaar. Conclusie: hergebruik van gestorte betonelementen is technisch haalbaar en kan een belangrijke rol spelen in circulair bouwen, mits er aandacht is voor detailengineering, verbindingstechniek en structurele aanpassing. Voor grootschalige toepassing is verdere standaardisatie, toetsing aan moderne normen en full-scale beproeving noodzakelijk. Zo ook om deze inzichten mee te nemen in nieuwe ontwerpen. In de huidige bouwpraktijk vormt de verdiepingsvloer een belangrijk onderdeel van de draagconstructie. Waar vroeger vooral ter plaatse gestort beton de standaard was, zien we tegenwoordig een sterke opkomst van prefab oplossingen. Toch blijft de traditionele gestorte verdiepingsvloer een belangrijke optie, met unieke voordelen op het gebied van techniek, ontwerp en duurzaamheid. Bovendien bestaan er diverse typen betonnen vloeren, elk met hun specifieke kenmerken en toepassingsgebieden. TEKST: FRANK DE GROOT EN REMCO KERKHOVEN (BETONHUIS.NL) BEELD: BETONHUIS.NL In de woning- en utiliteitsbouw worden diverse betonnen verdiepingsvloeren toegepast. Elke variant biedt specifieke voordelen, afhankelijk van het bouwproject, de overspanning, de belasting en de gewenste installatie-integratie[1]. 1. In-situ gestorte vloeren. Volledig op de bouwplaats gestorte vloeren, ook wel monolietvloeren genoemd. Ze bieden maximale sterkte, massa en ontwerpvrijheid en worden toegepast in complexere projecten of bij tunnelgietbouw. Het is de vloer met de meeste flexibiliteit voor het integreren van leidingen, ventilatiekanalen en installaties. 2. Breedplaatvloeren. Deze bestaan uit prefab betonnen platen met een ter plaatse gestorte druklaag. Ze zijn flexibel in vorm en breed inzetbaar bij woningbouw en utiliteitsbouw. 3. Breedplaatvloeren met gewichtsbesparende maatregelen. Deze bevatten kunststof bollen of potten in het middendeel van de vloer om materiaal en gewicht te besparen. Leidingen kunnen boven, in of onder het bovennet worden geplaatst, zowel prefab als in het werk gestort. 4. Vleugelplaatvloeren. Een combinatie van breedplaat en kanaalplaat. Prefab leidingen worden in de onderschil ingestort, terwijl koppelingen in het werk worden aangebracht. Open ruimtes kunnen worden volgestort met beton of afgewerkt met een constructieve dekvloer. 5. Kanaalplaatvloeren. Prefab elementen met holle kanalen die gewichtsbesparing en snelle montage mogelijk maken. Leidingen kunnen droog of nat worden aangebracht, afhankelijk van de dikte en het type vloer. 6. Dubbele breedplaat-/sandwichvloeren. Twee breedplaten op tralieliggers, gescheiden voor koelen (onderschil) en verwarmen (bovenschil). Worden voornamelijk toegepast in bedrijfspanden of hallen. 7. Staalplaatbetonvloeren. Dit zijn dunne, geprofileerde staalplaten die constructief samenwerken met beton. Ze fungeren tijdens de uitvoering als werkvloer en bekisting. Dankzij het lichte gewicht en de snelle montage zijn ze geschikt voor utiliteitsbouw. 8. Volle-diktevloeren. Dit zijn prefab elementen met volledige wapening en opgenomen leidingwerk. Vooral toegepast in woningbouw voor verdiepings- en zoldervloeren. 9. Staalbalkbetonvloeren. Betonplaten waarin stalen IPE-liggers zijn ingestort. Deze liggers dragen de totale belasting van de vloer, geschikt voor zware bedrijfsbelasting. 10. Rib(cassette) en combinatievloeren. Prefab liggers gecombineerd met isolatie en een in het werk gestorte druklaag. Vaak toegepast bij begane-grondvloeren; thermisch geactiveerd alleen voor verwarming. TER PLAATSE GESTORT BETON Hoewel gestorte vloeren vooral in de grondgebonden woningbouw minder vaak worden toegepast dan prefab, bieden ze nog steeds bijzondere voordelen op technisch, architectonisch en duurzaamheidsvlak. 1. Structuur en stabiliteit. Een in-situ gestorte vloer vormt een monolithische constructie die optimaal samenwerkt met wanden en kolommen. Dit verhoogt de stijfheid van het gebouw, waardoor de vloer vaak slanker kan worden uitgevoerd zonder in te boeten op draagvermogen. 2. Geluid- en trillingseigenschappen. De massa en doorlopende structuur van een gestorte vloer dempen geluid en trillingen beter dan prefab-elementen. Dit is een belangrijk voordeel in appartementen, kantoren en andere gebouwen waar comfort centraal staat. 3. Ontwerpvrijheid en maatwerk. Ter plaatse storten biedt volledige vrijheid in vorm, afmetingen en sparingen. Afwijkende plattegronden, ronde vormen, trappen, leidingsparingen of daglichtopeningen zijn eenvoudig in te passen zonder extra prefab-elementen te bestellen. 4. Integratie van functies. Gestorte vloeren laten uitgebreide integratie van installaties toe. Denk aan: -Leidingen en kanalen:eenvoudig mee te storten, minder koppelingen nodig. - Betonkernactivering: thermische buffer in het beton, ideaal voor verwarming en koeling, met hoge efficiëntie bij gebruik van warmtepompen. 5. Afwerking en uitstraling. Gestorte vloeren kunnen gepolijst, geverfd of voorzien van antisliplagen worden. Ze kunnen ook dienstdoen als drager voor vrijwel elke vloerbedekking en bieden een industriële uitstraling die populair is bij modern ontwerp. CONSTRUCTIEVE FLEXIBILITEIT Gestorte vloeren kunnen momentvast worden verbonden met wanden en kolommen, waardoor hogere lasten mogelijk zijn en de algehele stijfheid van de constructie verbetert. Extra wapening kan lokaal worden aangebracht voor piekbelastingen of intensief gebruik. Voor woningen ligt de vloerdikte doorgaans tussen 120–150 mm, terwijl bedrijfspanden vaak dikkere vloeren vereisen. Zo kan de vloer optimaal worden afgestemd op de belasting en functie. DUURZAAM MATERIAALGEBRUIK De milieubelasting van beton hangt sterk af van het cementtype: • CEM I: tot op heden nog veel toegepast bij prefab, relatief hoge CO2-uitstoot. • CEM II / CEM III (hoogovencement): lagere CO2-uitstoot, goed toepasbaar bij in-situ vloeren. • Geopolymeerbeton: alternatief bindmiddel zonder cement, gebaseerd op vliegas, hoogovenslak of metakaolien. CO2-reductie tot 80%, vergelijkbare sterkte, hogere brandwerendheid en goed verwerkbaar. Door slim materiaalgebruik, integratie van functies en keuze voor duurzame cementsoorten kunnen gestorte vloeren een belangrijke bijdrage leveren aan een milieuvriendelijke en toekomstbestendige gebouwconstructie. Het Betonakkoord uit 2018 gaat uit van een (inmiddels bijgestelde) inspanning van de betonbranche gericht op 70% CO2-reductie en zo mogelijk klimaatneutraal in 2030, ten opzichte van 1990. Om de ambitie te behalen om in de toekomst uitsluitend nog te bouwen met CO2-arm beton, is op initiatief van het Betonakkoord een onafhankelijke commissie ingesteld om plafond- en koploperwaarden voor de CO2-impact van beton vast te stellen. Daarbij worden de plafondwaarden aangehouden voor wat het peloton met beperkte aanpassingen van de productieprocessen nu al kan. Tevens zijn de koploperwaarden op beperkte schaal door een selecte groep nu al technisch haalbaar. Het Betonakkoord heeft op 24 juni 2025 een rapport gepubliceerd met deze plafond- en koploperwaarden. De intentie is dat deze waarden marktbreed worden toegepast, zodat opdrachtgevers eenduidig gaan uitvragen, aannemers hun bouwmethoden op duurzaam beton gaan inrichten en betonproducenten hun mengsels hierop afstemmen. AANDACHTSPUNTEN Naast de voordelen zijn er ook aandachtspunten bij in-situ gestorte vloeren: • Bouwtijd. Bekisting, wapening en uitharding nemen meer tijd in beslag. Door slim te ontwerpen kan met een langere sterkteontwikkeling ook milieuwinst worden behaald. • Meer arbeid op locatie. • Minder circulair. Demonteren of hergebruiken is lastig, al zijn hier ontwikkelingen in. Uit bestaande vaste vloeren kunnen ook weer elementen worden behaald. Deze aandachtspunten kunnen worden gecompenseerd door technische voordelen, flexibiliteit en duurzaamheid. CONCLUSIE De keuze voor een verdiepingsvloer vraagt een integrale afweging van: • Techniek en constructieve prestaties. • Bouwsnelheid en kosten. • Milieu-impact en duurzaamheid. Het huidige aanbod aan vloeren is breed: prefab kanaalplaten, breedplaten, staalplaat-beton, dubbelbreedplaat, vleugelplaat, volle-diktevloeren, staalbalkbeton en in-situ gestorte vloeren. De ter plaatse gestorte verdiepingsvloer blijft een waardevolle optie, zeker bij projecten waar ontwerpvrijheid, akoestiek, thermische massa en structurele samenhang belangrijk zijn. Met moderne mengsels en duurzame cementtypen kan deze traditionele bouwmethode uitstekend bijdragen aan een toekomstbestendig en duurzaam gebouw. [1] Bron: www.betonhuis.nl https://betonhuis.nl/ betonmortel/betonnen-vloertypen.  Foto: Vincent van den Hoven fotografie.  Foto: Remco Kerkhoven.

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=