BouwTotaal 12 - 2024

NUMMER 12 | JAARGANG 22 | DECEMBER 2025 PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND BOUWTOTAAL Prefab betonmarkt flink in beweging Pag. 17 BEZOEK OOK DE WEBSITE WWW.BOUWTOTAAL.NL THEMA BETON TOPKWALITEIT ALUMINIUM DAK- EN GEVELPRODUCTEN ALTIJD OP DE HOOGTE VAN HET LAATSTE BOUWNIEUWS? SCAN DE QR-CODE EN MELD U AAN VOOR ONZE GRATIS NIEUWSBRIEF!

2022 2023 JUN 2024 JUN 2025 Ontdek de 10 voordelen van het vervangen met VELUX dakramen. Kijk op velux.nl/toekomstbestendi renoveren Samen werken aan toekomstbestendige renovaties VELUX is de betrouwbare partner voor aannemers die waarde hechten aan kwaliteit, duurzaamheid en comfort. Met innovatieve daglichtoplossingen en sterke ondersteuning draa t VELUX bij aan ener iezuinige, toekomstbestendige woningen en tevreden klanten – van montage tot onderhoud. VELUX is wereldwijd de enige dakramenfabrikant met een Platina EcoVadis-beoordeling, goed voor een plek in de top 1% van de wereldwijd beoordeelde bedrijven.

3 NUMMER 12 - DECEMBER 2025 ACTUEEL Beton blijft De maatschappelijke discussie over duurzaam bouwen is zover dat we ons straks nog moeten verontschuldigen als we een casco uitvoeren in beton. Nee, tegenwoordig moet je groen bouwen. Dat betekent in hout, strobouw, gerecycled materiaal, baksteen of een andere duurzame bouwwijze. Maar gelukkig wordt beton steeds duurzamer… Vooral de CO2-uitstoot tijdens de productie van cement is hoog en maakt beton niet erg duurzaam. De productie van cement levert wereldwijd een bijdrage van ongeveer 7% van de totale CO2-uitstoot. Maar inmiddels weet de industrie die CO2-uitstoot steeds verder terug te dringen. Dat doen ze door het verbeteren van processen, het gebruik van secundaire grondstoffen en efficiënter transport om de milieubelasting verder te beperken. Dan is er ook nog geopolymeerbeton, waarin cement volledig is vervangen door een bindmiddel op basis van minerale reststoffen, alkaliën en een activator. In de GWW sector wordt geopolymeerbeton al enige tijd gebruikt voor onder meer keerwanden, rotondes en fietsbruggen. In de bouwsector zien we geopolymeerbeton alleen terug in bijvoorbeeld vloeren en kelderwanden. Maar heel langzaam komt ook het casco van woningen in beeld. Na enige proefprojecten door Heembeton, gaat MBS Groep (waarin Heembeton is opgenomen) in februari starten met het leveren van wanden en topgevels van geopolymeerbeton voor dertig woningen in Zwolle. Thermisch Actief Beton Een bijzondere toepassing van beton is Thermisch Actief Beton (ook wel afgekort tot TAB). Daarbij worden in een betonconstructie watervoerende leidingen geïntegreerd die zijn aangesloten op een lage temperatuur klimaatinstallatie. Hierdoor kan beton worden opgewarmd of gekoeld en daarmee ook de ruimten die worden omhuld. TAB vormt daarmee een belangrijke schakel in de transitie naar klimaatneutraal bouwen. TAB kan echter ook bij peakshaving een belangrijke rol spelen. Door warmte op te slaan in de gebouwmassa tijdens momenten van lage netbelasting - bijvoorbeeld ’s nachts of bij overschot aan zonne-energie - en deze warmte later te gebruiken, wordt het net ontlast. Dit voorkomt piekbelasting en draagt bij aan een stabielere energievoorziening. Beton is dus van alle markten thuis! INHOUD COLUMN ING. FRANK DE GROOT 10 22 04 Snel Gebouwd Kleinschalige woonlocatie volledig in prefab 05 Snel Gebouwd Column: Naar een nieuw begin 06 Actueel Vrachtwagenheffing vanaf 1 juli 2026 07 Actueel Den Haag Update en Bouwmonitor 08 Snel verdiend Ongelijk verdeling echtgenoten 09 Bouwvisie Kerststress THEMA BETON 10 Beton Thermisch Actief Beton: duurzaam comfort en energie-efficiënt 13 Beton Nederlandse betonsector aantoonbaar duurzaam 15 Beton Nieuws 17 Beton Cascobouwer MBS Groep versterkt zich met Heembeton EN VERDER 20 Bouwkosten Sausklaar dunpleister op binnenmuur aanbrengen 21 Bouwfouten Beton waterdicht? 22 Slim Ruimtegebruik Het boothuis van Collectief Soepel 24 Bouwhelden Werkvoorbereider Daan Jonker 25 Afbouw Praktijkoplossingen Scheidingswanden met zeer lage milieubelasting 26 Afbouw Praktijkoplossingen Stukadoorswerk niet schilderklaar 27 Afbouw Nieuws 29 Productnieuws Nieuws Asielzoeker kan soms al na drie maanden werken De regels voor asielzoekers om te mogen werken gaan veranderen. Nu mogen asielzoekers die in de asielprocedure zitten na zes maanden gaan werken, straks mag dat al na drie maanden, mits ze een grotere kans hebben in Nederland te mogen blijven. Aanleiding voor het veranderen van de regels is het EU Asiel- en migratiepact dat op 12 juni 2026 in werking treedt. Vanaf dan geldt er één gezamenlijk Europees asielsysteem. In het pact zitten verordeningen en een richtlijn die ervoor moeten zorgen dat de instroom van asielzoekers naar Nederland en de EU afneemt. Dit moet de lasten tussen de lidstaten beter verdelen. Dit betekent een snellere procedure voor asielzoekers die afkomstig zijn uit veilige landen, en daardoor weinig zicht hebben op verblijf in de EU. Dit maakt het ook makkelijker om snel te beoordelen of iemand wel of niet hier mag werken. Tegelijkertijd wordt ook de zogenaamde 24 weken eis officieel uit de regels geschrapt. Asielzoekers mochten maar 24 weken werken per periode van 52 weken. Na een uitspraak van de rechter in november 2023 dat de ’24-weken-eis’ niet langer geldt, past het UWV deze ook al niet meer toe. De werkgever moet namelijk bij het UWV een verplichte tewerkstellingsvergunning aanvragen als hij een asielzoeker wil laten werken. Sinds het niet meer uitvoeren van de 24-weken eis, is het aantal asielzoekers met een baan fors gestegen. Van ongeveer 600 verleende vergunningen in 2022, tot al ruim 16.500 vergunningen begin september dit jaar. ZO SNEL MOGELIJK MEEDOEN Dat asielzoekers die in de procedure zitten straks na drie maanden mogen deelnemen aan de arbeidsmarkt en ook meer weken mogen werken, is gunstig voor de krappe arbeidsmarkt. Ook bevordert het de integratie van deze mensen. Werk zorgt er namelijk voor dat mensen sneller de taal leren, een sociaal netwerk opbouwen en kunnen meedoen in de samenleving. Om de nieuwe regels te kunnen invoeren moeten het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 en de Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 worden gewijzigd. Deze voorgenomen wijzigingen zijn op 3 november 2025 in internetconsultatie gegaan. De internetconsultatie liep tot en met 30 november 2025.  Foto: NPS/Pieter Magielsen Fotografie.

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 4 SNEL GEBOUWD Kleinschalige woonlocatie volledig prefab Snel gebouwd De kracht van prefab TEKST: ING. FRANK DE GROOT BEELD: DE GROOT VROOMSHOOP Het kost veel mensen moeite om een woning te vinden die past bij hun wensen en behoeften. Zeker als het gaat om senioren die nog wel zelfstandig willen wonen en geen zorgindicatie hebben, maar alvast voorbereid willen zijn op eventueel zorg die in de komende jaren nodig kan zijn. Dit is de doelgroep voor de de Buurtwonen-locaties, zoals deze kleinschalige woonvoorziening in Joure van Achmea Real Estate, investment manager in vastgoed voor institutionele beleggers. Bij het dit project kan Buurtzorg eventuele zorg in de toekomst op elk moment leveren. In totaal wil de belegger de komende vijf haar honderd miljoen euro investeren in vijfentwintig kleinschalige locaties voor bewoners in een vroege fase van zorgverlening. In het project komt een gezamenlijke woonkamer en gemeenschappelijke tuin, geheel volgens het Buurtwonen-principe van ontmoeten en samenleven om vereenzaming te voorkomen. Een brede galerij met bankjes maakt het perfect geschikt voor de oudere doelgroep. De Groot Vroomshoop wil graag anticiperen op deze ontwikkeling en bijdragen aan de behoefte aan een duurzame samenleving. Dit nieuwe project met 25 sociale en middenhuur appartementen, wordt volledig geprefabriceerd in hout. SNEL OPGEBOUWD De Groot Vroomshoop verzorgt het volledige traject: van engineering en productie in de eigen fabriek tot de assemblage op locatie. Daarmee bieden zij een integrale oplossing die efficiënt, betaalbaar en van hoge kwaliteit is. Als one-stop-shop is het bedrijf betrokken vanaf de ontwikkeling tot aan de realisatie. De woningen worden volledig opgebouwd uit prefab houten elementen en andere biobased materialen, die in de Nederlandse fabriek worden gemaakt. De gevelelementen zijn al in de fabriek voorzien van beglaasde kozijnen, deuren, isolatie en steenstrips. Ook hebben de woningen houten verdiepingsvloeren. Op de bouwplaats hoeven de wand-, en andere voordelen van houtbouw, maar je ziet het niet. Bouwen met hout hoeft dus niet anders te zijn dan op andere wijzen bouwen!” De woningen zijn flexibel en circulair, waardoor ze kunnen meebewegen met veranderende wensen. Wim wijst op de schroeven in de constructie: “Alles kun je later weer uit elkaar halen.” Daan Tettero, Fondsmanager Achmea Dutch Health Care Property Fund, toont zich ook zeer tevreden: “Dit is voor ons de eerste keer dat we een project op deze wijze realiseren. Voor ons is dit project belangrijk om te zien dat je met seriematige houtbouw in een hoog tempo een hoogwaardig product kan realiseren wat duurzaam is en ook nog betaalbaar wonen mogelijk maakt. Alle vinkjes die een belegger wil naast zijn financiële rendement zitten er in.” Achmea Real Estate investeert al jaren in grotere woonlocaties voor bewoners met een beginnende zorgvraag. Maar men kijkt sinds kort ook actief naar kleinere locaties in kleinere dorpen en kernen om zo ook invulling te geven aan de maatschappelijke opgave daar. Deze duurzame woningen worden veelal gebouwd met hout en andere biobased materialen, die grotendeels in de fabriek worden gemaakt en op de locatie geassembleerd. Het eerste project in Joure wordt momenteel door De Groot Vroomshoop gebouwd, als onderdeel van het Buurtwonen-concept.  Foto: Martijn Heemstra en De Groot Vroomshoop.  Foto: Martijn Heemstra en De Groot Vroomshoop. gevel- en vloerelementen vervolgens alleen nog in elkaar worden gezet. Dit verkort de bouwtijd, verlaagt de bouwkosten en zorgt voor minder CO2-uitstoot tijdens de bouw voor duurzame en toekomstbestendige seniorenhuisvesting. VOORDELEN Wim Sturris, directeur De Groot Vroomshoop, vertelt in een video op de website: “Op de bouwplaats is het vooral monteren. Eigenlijk net als een legodoos. Elementen in elkaar zetten, zoals ze bedacht zijn.” Hij wijst op een woonblok achter hem: “Daar zijn we vorige week dinsdag begonnen met de montage, maar als je volgende week dinsdag weer komt zit het dak er al op. Ook zijn de gevels gemonteerd, inclusief kozijnen. Helemaal pas en waterdicht. En weet je wat zo mooi is aan dit bouwsysteem: aan het eind zien de bewoners niet eens meer dat het casco van hout is. Ze hebben wel de duurzaamheidsaspecten  De gevelelementen zijn al voorzien van isolatie, beglaasde kozijnen, deuren en steenstrips. Video still: Achmea Real Estate en De Groot Vroomshoop.  Links Wim Sturris, directeur De Groot Vroomshoop en rechts Daan Tettero, Fondsmanager Achmea: “Bouwen met hout hoeft niet anders te zijn dan op andere wijzen bouwen!” Video still: Achmea Real Estate en De Groot Vroomshoop.  Foto: Martijn Heemstra en De Groot Vroomshoop.  Met houtbouw kun je demontabel en dus circulair bouwen. Video still: Achmea Real Estate en De Groot Vroomshoop.

5 NUMMER 12 - DECEMBER 2025 ACTUEEL COLUMN JOHAN OLTVOORT Drie jaar heb ik de belevenissen van een betonboer op papier mogen stellen. Verhalen over reizen, boeken die ik gelezen heb, technieken van vroeger en nu en vooral veel prefab met beton als mijn voorkeur. In het jaar 2025 hebben we veel afscheid genomen. Collega’s die een andere baan prefereerden, een naaste collega die ernstig ziek werd en overleden is. Fabrikanten die zeggen te gaan stoppen met een product of een volledige productie. Dat hakt er best wel in. Gelukkig komt na het afscheid ook vaak weer iets nieuws. Een nieuwe collega, een nieuwe producent met ook voor ons nieuwe producten, een nieuw voorjaar, een nieuw jaar en waarschijnlijk ook een nieuw kabinet met een sterke visie op bouwen. Hoewel de trend in de politiek naar conservatief wijst en dat is vaak ook de gemakkelijkste weg. Dat is wat we altijd deden, dat we kenden en wat de minste verrassingen in petto had. Toch loopt die weg dood. Stilstand is achteruitgang. WE MOETEN VOORUIT Voor de betonbranche geldt dat we vooruit moeten. Stappen zetten om het CO2 wat in de keten geproduceerd wordt te minimaliseren. Zand, grind en andere toeslagstoffen dienen als waardevolle grondstoffen te worden gezien, die ook hun waarde behouden of in waarde vermeerderen. Inzetten op hergebruik van producten, zoals vloeren en wanden. Blijven zoeken optimalisatie van producten en diensten. Dat hebben we als Olbecon ook afgelopen jaar gedaan. We hebben een hal gebouwd met een prefab fundatie en begane grondvloer. Een staalconstructie die slim in elkaar is gezet en volledig weer te demonteren is. Wanden waarop mos groeit. Voor het eerst iets gebouwd volgens de nieuwe regelgeving van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Veel ervaring opgedaan in prefab wanden, balkons, trappen en fundaties. Niet altijd de gemakkelijke weg, maar wel heel leerzaam voor mij en voor ons team. Ik ben dan ook heel blij dat we datgene wat we gekregen hebben in materie en kennis mogen delen met de voedselbank in Lochem. En voor geïnteresseerden in de bouw is het een inspiratie centrum. De opening daarvan was een hoogtepunt in september. Voor volgend jaar gaan we samen met de redactie van BouwTotaal iets nieuws bedenken om de bouwbranche te voorzien van informatie, kennis en nieuwe inzichten op het gebied van prefab bouwen. Rest mij niets anders dan iedereen een gelukkig en voorspoedig 2026 toe te wensen. Johan Oltvoort Directeur Olbecon en Olcas Johan geeft maandelijks in BouwTotaal zijn visie op de rol van prefab in de bouw. Naar een nieuw begin  Opening voedselbank in Lochem bij het inspiratiecentrum prefab circulair bouwen. Vanaf 1 januari 2026 GACS-verplichting De regels voor duurzaam gebouwbeheer veranderen snel. Vanaf 1 januari 2026 krijgen veel bedrijven in Nederland te maken met een nieuwe verplichting: het Gebouwautomatiserings- en Controlesysteem, oftewel GACS. Wat houdt deze verplichting precies in, waarom wordt dit belangrijk en wat betekent het voor jouw organisatie? GACS is een softwaresysteem dat gebouwinstallaties (zoals verwarming, koeling en ventilatie) monitort en aanstuurt. Ronald Remijn is manager energiemonitoring bij Veolia Nederland, dat bedrijven helpt hun duurzaamheidsdoelen te realiseren. Hij legt uit: “Een GACS bestaat uit twee systemen: een gebouwbeheersysteem en een energiemonitoringssysteem. Deze twee systemen werken samen door data over energiegebruik en prestaties van installaties te verzamelen en te analyseren, en op basis hiervan de verwarming en koeling automatisch aan te passen. Zo zorgt een GACS voor een optimalisatie van het energiegebruik en onderhoud van een gebouw, wat leidt tot verlaging van de kosten en een verhoging van het comfort.” WAAROM WORDT EEN GACS VERPLICHT? De invoering van de GACS-verplichting is een aantal jaar geleden vastgelegd als onderdeel van Europese regelgeving (EPBD-III). Het doel van de verplichting is om bedrijfsgebouwen energie-efficiënter te maken en het energiegebruik in grote panden terug te dringen. Op die manier draagt de maatregel bij aan de Europese klimaatdoelstellingen en de vermindering van CO2-uitstoot. “Gebouweigenaren moeten vóór 2026 een GACS laten installeren als hun nominaal vermogen voor koeling of verwarming meer dan 290 kW is. In 2030 wordt deze regelgeving uitgebreid naar de EPBD IV, dan geldt de verplichting bij gebouwen vanaf 70 kW”, zegt Remijn. BIJ DE INGANG VAN DE GACSVERPLICHTING ZIJN ER DRIE KERNVERPLICHTINGEN: 1. De GACS moet het energiegebruik continu meten en analyseren. 2. Gebouweigenaren moeten via het GACS rendementsverliezen signaleren, aanbevelingen doen voor verbeteringen en deze vervolgens doorvoeren. 3. Alle systemen in een gebouw moeten met elkaar kunnen communiceren, ongeacht merk, leverancier of type installatie (interoperabiliteit). De kosten van het installeren van energiebesparende maatregelen zijn grotendeels voor eigen rekening, maar bedrijven kunnen voor veel maatregelen subsidie aanvragen zoals de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) of Energie-investeringsaftrek (EIA) subsidie. Bovendien zorgt een GACS vaak voor een aanzienlijk lager energiegebruik, waardoor het zichzelf terugverdiend. VOORDELEN VAN GACS Hoewel de verplichting als een extra investering voelt, biedt een goed werkend GACS veel voordelen: energiebesparing, comfortverbetering, langere levensduur van installaties, efficiënt onderhoud, vrijstelling van keuringen (Gebouwen met een GACS zijn vrijgesteld van vierjaarlijkse Scope 14-keuring) en ondersteuning bij duurzaamheidsrapportages. STAPPENPLAN: ZO VOLDOE JE AAN GACS WETGEVING • Stap 1: Inventariseer je gebouwen. Breng in kaart welke gebouwen onder de verplichting vallen. Heb je een bedrijfspand met een verwarmings- of airco-installatie van 290 kW of meer? Dan moet je nog vóór eind 2025 actie ondernemen. • Stap 2: Voer een nulmeting uit. Analyseer de huidige staat van je gebouwbeheersystemen. Zijn er al systemen actief? Wordt energiegebruik automatisch gemeten? Hoe goed werken installaties al samen? • Stap 3: Bepaal je GACS-classificatie (A tot D). Laat een onafhankelijke adviseur je gebouw classificeren volgens de NEN-ENISO 52120-norm. • Stap 4: Implementeer een geschikt systeem. Kies een GACS-oplossing die voldoet aan de technische eisen. Zorg voor realtime monitoring, automatische bijsturing en compatibiliteit met andere systemen. • Stap 5: Inspectie. Een inspectie door een onafhankelijke partij helpt je om aan te tonen dat je voldoet aan de wetgeving. Remijn benadrukt dat organisaties niet alleen naar de korte termijn moeten kijken: “Maak een stappenplan en inventariseer je apparatuur: wat is aanwezig, wat is aan vervanging toe en waar ligt onnodig hoog energiegebruik? Op basis daarvan kun je gericht investeren en een meerjarenbudget opstellen. Door nu stappen te zetten, voldoen organisaties niet alleen tijdig aan de wettelijke GACS-verplichting, maar profiteren ze ook van meer inzicht, lagere energiekosten en een duurzamer gebouwbeheer.”  Foto: Frank de Groot.

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 6 Vrachtwagenheffing vanaf 1 juli 2026: ben je voorbereid? De start van de vrachtwagenheffing in Nederland is gepland op 1 juli 2026. Vanaf die datum betalen eigenaren van vrachtwagens per gereden kilometer, afhankelijk van het gewicht en de emissieklasse van het voertuig. De heffing moet bijdragen aan het verduurzamen en efficiënter maken van het wegvervoer en geldt op vrijwel alle snelwegen en een deel van de provinciale en gemeentelijke wegen. De vrachtwagenheffing raakt ook de bouw- en infrasector, waar veel zware voertuigen dagelijks worden ingezet voor het transport van (wegen)bouwmaterialen, (wegen) bouwafval, sloopmateriaal, gereedschap en machines. Na de start van de vrachtwagenheffing verdwijnt de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens tot 12.000 kilo. De motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens van 12.000 kilo en zwaarder wordt dan een stuk lager. Het Eurovignet voor Nederland stopt op 1 juli 2026. De heffing geldt voor Nederlandse én buitenlandse voertuigen in de categorieën N2 en N3. Deze hebben een technische maximummassa van 3.500 kilo. De voertuigen die onder de vrachtwagenheffing vallen, zijn verschillend in formaat en uitvoering. Eigenaren vinden de voertuigcategorie op het kentekenbewijs. VRACHTWAGENHEFFING HEEFT FINANCIËLE GEVOLGEN Voor bouw- en infrabedrijven, loonwerkers en toeleveranciers is het belangrijk om zich goed op de komst van de vrachtwagenheffing voor te bereiden. Heb je een N2 of N3 voertuig? Dan ga je vrachtwagenheffing betalen. Hoe schoner en lichter de vrachtwagen, hoe lager het bedrag per kilometer. Onderzoek welke gevolgen de vrachtwagenheffing heeft voor jezelf en het bedrijf. Zoals voor je administratie of financiën. Deze inzichten helpen om de financiële gevolgen van de heffing te berekenen en tijdig te onderzoeken of je kunt besparen door te investeren in schonere voertuigen. Ook kun je alvast nagaan bij welke leveranciers je boordapparatuur kunt krijgen die bijhoudt hoeveel kilometers een vrachtwagen rijdt op de wegen waar vrachtwagenheffing geldt. SUBSIDIES De vrachtwagenheffing biedt ook mogelijkheden om de verduurzaming van het wagenpark te bespoedigen. Een groot deel van de opbrengsten van de vrachtwagenheffing wordt namelijk gebruikt voor het verduurzamen van de vervoerssector. Zo zijn er subsidies voor elektrische vrachtwagens en laadinfrastructuur op eigen terrein. Deze financiële ondersteuning biedt ook kansen voor bouwbedrijven die hun wagenpark willen moderniseren of toekomstbestendig maken. MEER INFORMATIE Ondernemers en eigenaren van vrachtwagens kunnen onderzoeken welke gevolgen de vrachtwagenheffing voor hen heeft op de website van de RDW: www.vrachtwagenheffing.nl. Hier vind je meer informatie over: • de wegen waar de vrachtwagenheffing geldt; • de tarieven per emissieklasse en gewicht; • de beschikbare subsidies voor emissievrij vrachtvervoer; • informatie over hoe ondernemers zich kunnen voorbereiden op de vrachtwagenheffing; • bij welke leveranciers je boordapparatuur kunt krijgen.  Ga naar www.vrachtwagenheffing.nl.  Na de start van de vrachtwagenheffing verdwijnt de motorrijtuigenbelasting of wordt deze veel lager, afhankelijk van het gewicht. Het Eurovignet voor Nederland stopt op 1 juli 2026. Duurzame baksteenfabriek zorgt voor 25% minder CO2-uitstoot Het internationale baksteenbedrijf Vandersanden zet een baanbrekende stap in duurzame baksteenproductie met zijn vernieuwde productielocatie in Beek. De kern van de vernieuwing is de unieke stoomdroogtechnologie die tijdens het droogproces wordt toegepast, met verzadigde stoom in plaats van aardgas. Het resultaat: 30% sneller drogen én een daling van 25% in de totale CO2-uitstoot van de hele fabriek. De fabriek in Beek is grotendeels vernieuwd met een nieuwe pers, bijzondere drogerij, zetmachine en rookgasreiniger. De investering van 35 miljoen euro en een Energie-investeringsaftrek van 850.000 euro zorgen voor een forse en duurzame capaciteitsverhoging. Met een oppervlakte van 12.000 m2 en 40 medewerkers wordt de productiecapaciteit verhoogd van 25 naar 35 miljoen gevelstenen van waalformaat per jaar, waaronder ook de smallere S-line. STOOMDROOGTECHNOLOGIE De kern van de vernieuwing van de productielocatie is de unieke stoomdroogtechnologie die tijdens het droogproces wordt toegepast in de drogerij. Waar conventionele droogkamers hete lucht en aardgas gebruiken, werkt Beek met verzadigde stoom. Deze wordt deels opgewekt via restwarmte uit de oven en door middel van elektrische warmtepompen; een verduurzaming van het proces dus. Het resultaat: 30% sneller drogen én een daling van 25% in de totale CO2-uitstoot van de hele fabriek. Beek is de eerste baksteenfabriek in Europa die deze innovatieve droogtechniek toepast in de baksteenindustrie. “Dankzij deze technologie die sneller en efficiënter droogt, en minder belastend is voor het milieu, bevestigen we opnieuw onze rol als koploper in duurzame bouwmaterialen”, zegt Imko Jurgens, Director Operations bij Vandersanden. “Bij Vandersanden zit de aandacht voor klimaatneutraliteit verweven in alles wat we doen. Onze ambitie is dan ook om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Om dat doel te bereiken, investeren wij doelgericht in onder andere de verduurzaming van onze processen, productiemethoden en fabrieken. Die ambitie werd ook neergeschreven in het Together to Zero-duurzaamheidsprogramma, met energie-efficiëntie als één van de vier strategische pijlers. De vernieuwde site van Beek sluit hier naadloos bij aan.”  De nieuwe droogkamer.  Op 20 november 2025 is de vernieuwde fabriek officieel in gebruik genomen. Van links naar rechts: Rob Swillens (Wethouder bij de Gemeente Beek), Imko Jurgens (Director Operations bij Vandersanden) en Tim Hunnekens (Plant Manager Beek).

7 NUMMER 12 - DECEMBER 2025 ACTUEEL Den Haag update Nieuws vanaf het Binnenhof CERTIFICERING ASBESTVERWIJDERING Op dit moment wordt er onjuiste informatie verspreid door sommige partijen over de certificering voor het verwijderen van asbest. Dat meldt het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Er worden certificaten aangeboden die volgens sommige aanbieders voldoen aan de nieuwe Europese regelgeving. Dat klopt niet en kan niet. Er wordt namelijk nog gewerkt aan hoe die EU regels in Nederland moeten worden geïmplementeerd. Het ministerie van SZW werkt nu nog aan de precieze uitwerking van de Nederlandse regelgeving. Die uitwerking komt straks in het Arbobesluit. Naar verwachting start de internetconsultatie hiervoor in het eerste kwartaal van 2026. Over deze Nederlandse voorbereiding van de implementatie van de EU-regelgeving stuurde de staatssecretaris van het ministerie van SZW op 23 september 2024 een brief aan de Tweede Kamer. Daarin geeft hij aan dat een procescertificaat misschien een verplicht onderdeel wordt voor het krijgen van een vergunning. Maar dat is nu dus nog niet het geval. ONGELDIG Let op: aangeboden certificaten zijn op dit moment dus níet geldig! Hoewel de nieuwe regelgeving pas op 1 januari 2027 in werking treedt, zijn er partijen die nu al certificaten op de markt brengen die zouden voldoen aan die regels. Deze certificaten zijn niet geldig. Op dit moment kunnen er dus nog géén certificaten worden verstrekt die voldoen aan de toekomstige wijzigingen van de regelgeving. Zolang de nieuwe regelgeving niet in werking is getreden, veranderen de regels voor bedrijven in Nederland niet. SAMENWERKING MET WERKVELD Tot de inwerkingtreding in 2027 werkt het ministerie van SZW samen met betrokken partijen uit het werkveld aan de benodigde wijzigingen in het Arbobesluit en de overige regelgeving. ARBEIDSTEKORTEN BOUW De arbeidstekorten in de bouw zijn groot, maar minder groot dan in veel andere sectoren. In 2025 kon gemiddeld een vijfde van de Nederlandse aannemers niet alle werkzaamheden uitvoeren door personeelsgebrek. Dat is hoog, maar in vergelijking met andere sectoren, zoals architecten & ingenieurs, IT sector, horeca en specialistische zakelijke diensten, valt het nog mee. Bouwbedrijven weten links- of rechtsom toch blijkbaar vaak wel personeel te vinden. Zo nam het aantal mensen dat werkzaam is in de bouw toe van 448.000 in 2015 tot 594.000 in 2024. Hoe kan dat in een periode van arbeidstekorten? BOUW PROFITEERT INDIRECT VAN PRODUCTIVITEITSWINST IN ANDERE SECTOREN De bouw heeft in de afgelopen jaren maar een beperkte productiviteitsstijging gehad ten opzichte van andere sectoren, waardoor er extra vraag naar werknemers is. Indirect kan het echter zijn dat de bouw profiteert van de hogere arbeidsproductiviteitsgroei in andere sectoren, zoals de industrie. Doordat de arbeidsproductiviteit daar stijgt, zijn daar minder werknemers nodig. Deze werknemers zoeken dan een baan in een andere (maak)sector waar zij (goed) terecht kunnen met hun skills en kunnen dan in de bouw terechtkomen. Zo kunnen werknemers die hun baan verliezen in de industrie overstappen naar de bouwsector omdat hun technische achtergrond daar vaak goed op aansluit. Dit kan extra tractie krijgen als de bouw verder industrialiseert. Bouwprocessen gaan dan meer op industriële processen lijken waardoor werknemers uit de industrie ook eerder met hun vaardigheden in de bouw terecht kunnen. MINDER GESCHOOLD PERSONEEL EN LOCATIEKEUZE OP BASIS VAN ARBEIDSAANBOD Daarbij zijn geïndustrialiseerde bouwprocessen zoals prefab nog relatief eenvoudig ten opzichte van bijvoorbeeld de high tech BOUWMONITOR B&U industrie. Industrialiserende bouwbedrijven kunnen daardoor ook gebruik maken van minder geschoold personeel waardoor ze in een grotere vijver van potentiële werknemers vissen. Industrialiserende bouwbedrijven kiezen de locatie van hun fabriek vaak ook (mede) op basis van waar zij verwachten dat er relatief veel personeel beschikbaar is. Maurice van Sante ING Research maurice.van.sante@ing.com Frank de Groot Hoofdredacteur BouwTotaal frank@handelsuitgaven.nl Voorstel wijzigingen Bbl Minister Mona Keijzer van VRO heeft op 27 oktober een aantal wijzigingen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) voorgelegd aan de Eerste en Tweede Kamer. De wijzigingen moeten zorgen voor meer duidelijkheid en spelen in op actuele thema’s in de woningbouw. Denk aan de bouw van zorggeschikte woningen en het verplaatsen van flexwoningen. NULTREDENWONINGEN EN ZORGGESCHIKTE WONINGEN Met de Wet versterking regie op de volkshuisvesting krijgen het Rijk, provincies en gemeenten de regie op hoeveel, waar en voor wie er wordt gebouwd. Eén van de doelen van de wet is om voldoende huisvesting te creëren voor specifieke doelgroepen, zoals ouderen en mensen met een zorgvraag. In het Bbl worden daarom twee nieuwe gebruiksfuncties opgenomen: nultredenwoningen en zorggeschikte woningen. Hiermee wordt landelijk vastgelegd wat het minimale voorzieningenniveau van deze woningen is. De eisen zijn gericht op bruikbaarheid en toegankelijkheid. AANVULLENDE EISEN PUR-SCHUIM Voor het gebruik van PUR schuim in kruipruimten van woningen staan regels in het Bbl. Zo mogen bewoners tijdens de werkzaamheden niet in de woning aanwezig zijn en gelden er ventilatievoorschriften. De regels gelden straks ook voor gebruik van PUR schuim in spouwmuren en onder daken. Het gaat hierbij om PUR schuim dat op locatie wordt gemaakt uit twee componenten, te weten polyol en isocyanaat, waaraan een blaasmiddel wordt toegevoegd. De eisen hebben dus geen betrekking op het aanbrengen van kant en klaar PUR schuim in spuitbussen uit de bouwmarkt. Daarnaast komt er een informatieplicht voor bedrijven, zodat gemeenten weten hoe en waar PURschuim wordt toegepast. VERPLAATSBARE WONINGEN Ook worden de regels voor het verplaatsen van bouwwerken in het Bbl aangepast. Verplaatsbare woningen (flexwoningen) en andere bouwwerken van nieuwbouwkwaliteit, hoeven bij ongewijzigd verplaatsen niet te voldoen aan de dan geldende nieuwbouweisen. Ook hoeven bouwwerken die ergens tijdelijk zijn geplaatst, maar oorspronkelijk wel volgens de nieuwbouwregels gebouwd, niet aangepast te worden als besloten wordt dat ze langer kunnen blijven staan. Daarnaast worden de eisen die gelden bij het verplaatsen van de woningen verduidelijkt. VERBLIJFSVOORZIENINGEN Voor nieuwbouw van utiliteitsgebouwen (zoals scholen en kantoren) komt er een verplichting om verblijfsvoorzieningen te realiseren voor beschermde diersoorten, zoals de huismus, de gierzwaluw en de vleermuis. In het regeerakkoord is afgesproken dat er geen nieuwe duurzaamheidseisen komen voor nieuwbouwwoningen. Daarom geldt deze verplichting alleen voor utiliteitsbouw. Verder bevat het wijzigingsbesluit diverse beleidsneutrale aanpassingen en verduidelijkingen, vooral om fouten te herstellen die zijn ontstaan bij de omzetting van het Bouwbesluit 2012 naar het Bbl.  De verplichting voor verblijfsvoorzieningen voor beschermde diersoorten komt nu toch in het Bbl. Alleen geldt die dan voor nieuwbouw van utiliteitsgebouwen en dus niet woningen. Foto: Vivara Pro.

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 8 Snel verdiend Fiscaliteit & subsidie Ongelijke verdeling echtgenoten Wat minder bekend is dat ook huwelijkse voorwaarden en partnerschapsvoorwaarden (geregistreerd partnerschap) mogelijkheden bieden om directe belastingheffing bij overlijden te voorkomen. Vermogen kan via het huwelijksvermogensrecht namelijk belastingvrij tussen echtgenoten of geregistreerd partners verschuiven. Hoewel de wetgever afgelopen Prinsjesdag heeft aangekondigd de mogelijkheden hiertoe in te perken, blijft het opmaken van de juiste huwelijkse voorwaarden interessant. In dit artikel leggen wij uit wat het inhoudt en wat de gevolgen zijn van het wetsvoorstel. HOE KUNNEN HUWELIJKSE VOORWAARDEN WORDEN GEBRUIKT? Wanneer partners met elkaar in het huwelijk treden kunnen zij kiezen om huwelijkse voorwaarden op te stellen. Daarin worden afspraken vastgelegd over gerechtigdheid van iedere partner tot elkaars inkomen en vermogen. Ook worden afspraken gemaakt over de verdeling van het gezamenlijk vermogen als het huwelijk eindigt. Deze afspraken kunnen tijdens het huwelijk worden gewijzigd. Echtgenoten kunnen vastleggen dat hun vermogen geheel of gedeeltelijk valt onder ‘gemeenschap van goederen’. Als één van de echtgenoten minder vermogen heeft dan de andere, zal hij of zij verrijken ten koste van de andere. Deze vermogensverschuiving is niet belast met schenk- of erfbelasting. Deze vermogensverschuiving is interessant wanneer de verwachting is dat de ‘rijkere’ echtgenoot eerder zal overlijden dan de ‘armere’ echtgenoot, bijvoorbeeld doordat hij of zij ouder is of een relatief zwakke gezondheid heeft. Het uitgangspunt is dat iedere echtgenoot gerechtigd is tot de helft van dit gemeenschappelijk vermogen, maar hier kan in de huwelijkse voorwaarden van worden afgeweken. Men kan afspreken om ongelijke breukdelen te hanteren, bijvoorbeeld een 70-30 gemeenschap of zelfs een 99-01 gemeenschap. Wanneer de echtgenoot die gerechtigd is tot de 1%-aandeel als eerste overlijdt, zal slechts 1% van het gemeenschappelijk vermogen in de nalatenschap vallen en als zodanig worden belast met erfbelasting. WAT VERANDERT ER IN 2026? Met Prinsjesdag heeft het kabinet aangekondigd dat het eindigen van een huwelijksgemeenschap met ongelijke breukdelen te gaan belasten met schenk- of erfbelasting. Voor zover een echtgenoot meer verkrijgt dan 50% van de huwelijksgemeenschap, zal hij of zij over het meerdere worden belast. WAT BETEKENT DIT VOOR JOU? Voor situaties die op 16 september 2025 om 16:00 uur al bestonden, geldt de maatregel niet (overgangsrecht). Partners die na deze datum hun huwelijkse voorwaarden hebben opgesteld of aangepast, krijgen wel met deze aanscherping te maken. Deze regeling betekent minder flexibiliteit in de verdeling van vermogen tussen partners via de gemeenschap van goederen met ongelijke breukdelen. MEER WETEN? SCAB HELPT! Wil jij weten welke gevolgen deze aankondiging heeft in jouw situatie of wil je meer weten over estate planning en de voordelen die dit jou en jouw familie kan bieden? Neem dan contact op met Nicky Broeders, belastingadviseur bij Scab. Bel 013 – 583 6731 of mail naar nbroeders@scabadvies.nl. FISCALITEIT Estate planning is in de afgelopen jaren een steeds belangrijkere rol gaan spelen bij ondernemers. Velen maken inmiddels gebruik van de mogelijkheid om bij leven te schenken. Ook hebben veel ondernemers in hun testament bepalingen opgenomen om erfbelasting te besparen. TEKST: NICKY BROEDERS, BELASTINGADVISEUR BIJ SCAB BEELD: SCAB EVEN VOORSTELLEN: SCAB ACCOUNTANTS EN ADVISEURS Deskundig zijn, eenvoudig doen. Dat is Scab. Sinds 1973 zijn we er door en voor de bouw. Wij ondersteunen ondernemers uit de bouw en aanpalende sectoren op het gebied van accountancy, fiscaal advies, loonadministratie en personeels- en arbeidsjuridisch advies. Dat maakt ons met recht dé bouwspecialist binnen onze branche. Scab verzorgt daarom met veel plezier vier keer per jaar de financiële rubriek voor BouwTotaal. Kijk voor meer info op scabadvies.nl.

9 NUMMER 12 - DECEMBER 2025 ACTUEEL We staan weer aan het begin van die bijzondere tijd van het jaar. Die periode waarin iedereen zegt uit te kijken naar rust, warmte en samenzijn. Maar waarin we ondertussen collectief een soort projectplanning hanteren die zelfs de meest doorgewinterde bouwondernemer zou doen fronsen. Want niets is zó stressvol als een feestdag die ‘gezellig’ móét zijn. Kerst: de deadline der deadlines. Het is toch eigenlijk fascinerend hoe we onszelf jaarlijks gek maken. Cadeaus kopen; het liefst persoonlijk, doordacht, duurzaam, origineel en uiteraard verpakt in papier dat door een of andere hippe influencer is goedgekeurd. Maaltijden plannen; vier gangen, of was het vijf? De oven op tijd voorverwarmen, rekening houden met gluten, lactose, vegetarisch, veganistisch en vooral: geen gedoe. Het huis versieren, maar niet kitscherig natuurlijk. Warm, stijlvol. Sfeervol, maar zonder dat het lijkt alsof er een vrachtwagen vol lichtslangen is ontploft. En dan nog het sociale deel. Want we gaan gezellig samen zijn. Natuurlijk. Met mensen die je graag ziet, maar net zo makkelijk met mensen die je normaal gedurende het jaar prima kunt vermijden. December is de maand waarin we vrijwillig afspraken accepteren waar we in juni nog hard voor zouden weglopen. Maar ja, het is kerst. Dus we doen het. MINI-SABBATICAL Maar waar ik écht op wil inzoomen is een traditie die vooral in organisaties een hoofdrol speelt: ‘voor of na de kerst’. Die gevleugelde woorden die in de periode oktober–december meer vallen dan ‘goedemorgen’. Het lijkt wel alsof heel bestuurlijk Nederland zich conformeert aan één groot project met een fictieve, maar levensbepalende opleverdatum: 25 december. Net zoiets als ‘voor of na de bouwvak’, maar dan met glühwein in plaats van veiligheidsschoenen. In de gemeentelijke organisatie begint het al vroeg. Rond Sinterklaas hoor je ineens overal: “Doen we dit nog even voor de kerst?” Projecten, dossiers, rapportages; alles móét af. Alsof de wereld in januari niet meer bestaat. En terwijl we met z’n allen versnellen, zie je tegelijkertijd een ander fenomeen: de grote decemberbeweging richting de vrije dagen. Collega’s die na de laatste raadsvergadering – in ons geval 17 december – even een frisse neus halen en dan op 5 januari weer terug zijn. Negen werkdagen. Maar gevoelsmatig toch een soort mini-sabbatical. En als je de kerstborrel meerekent, ligt het gemeentelijke apparaat in mijn beleving bijna drie weken op zijn kant. EINDEJAARSDEADLINE En laat ik helder zijn: ik beticht niemand van luiheid. Integendeel. Er zijn collega’s die zich het leplazerus werken om dossiers vóór de kerst af te ronden. Die hollen, rennen, trekken, duwen, kortom: alles doen om te zorgen dat een project niet blijft liggen op de gemeentelijke bouwplaats. Die verdienen alle rust die daarna komt. Echt. Maar toch bekruipt mij steeds vaker een gevoel: maken we elkaar niet collectief gek? Zijn we niet stiekem al te ver doorgeslagen in onze zelf gecreëerde eindejaarsdeadline? Het lijkt soms alsof de kerstperiode een onwrikbare, universele afrondingsweek is geworden. Hierin mag niets meer blijven liggen en iedereen wordt geacht zowel professioneel te pieken als privé de perfecte feestdagen neer te zetten. Misschien is het tijd om dat hardop uit te spreken. Om onszelf even in de spiegel aan te kijken, tussen de knipperende kerstverlichting door. Want er is een grens aan wat je kunt afdwingen, organiseren en ‘gezellig maken’. Soms moet je gewoon accepteren dat het oké is als iets niet af is. Of als er minder perfect gekookt wordt. Of als januari óók een maand is. Dus wens ik u vooral dit jaar: ontspannen feestdagen. Écht ontspannen. Zonder projectplanning. Zonder stress. En misschien zelfs zonder het zinnetje ‘voor de kerst’. Arap-John Tigchelaar, wethouder gemeente Ermelo Kerststress BOUWVISIE ARAP-JOHN TIGCHELAAR Nederlanders vaker vast in lift door stroomstoring  Druk bij een liftstoring op de alarmknop, blijf rustig en probeer nooit jezelf te bevrijden. Foto: KONE. Met het toenemend aantal stroomstoringen groeit de kans dat mensen vast komen te zitten in een lift. Hoewel het belangrijkste advies dan is om jezelf niet te bevrijden, zou een op de drie Nederlanders dat toch doen, zo blijkt uit onderzoek. Alle reden voor Liftinstituut om iedereen tijdens de internationale Safety Awareness Week (10 t/m 16 november) op te roepen om te wachten op hulp. “Het is niet de eerste keer dat mensen bij hun ontsnapping in de liftschacht vallen.” Uit recent onderzoek dat de keuringsorganisatie voor liften liet uitvoeren, blijkt dat bijna een derde van de Nederlanders op dit moment al eens heeft vastgezeten in de lift. In 2015 was dat nog slechts een kwart. Liftinstituut-directeur John van Vliet: “Dat liftopsluiting een actueel thema is, blijkt ook uit onderzoek van de NOS en de regionale omroepen. Vorig jaar moest de brandweer maar liefst 6.000 keer in actie komen om mensen te bevrijden. Dat is slechts het topje van de ijsberg, want de brandweer komt alleen in noodsituaties of als de monteur te lang op zich laat wachten.” Van Vliet verwacht dat het aantal liftopsluitingen de komende jaren verder stijgt door storingen in het elektriciteitsnet: “Volgens cijfers van Netbeheer Nederland waren er vorig jaar 27.341 stroomstoringen, tegenover gemiddeld 23.426 tussen 2019 en 2023. Dat is een stijging van bijna 17 procent. Zet die lijn zich voort, dan zal het nog vaker gebeuren dat mensen vastzitten in de lift. En dan heb ik het nog niet gehad over de overheid die waarschuwt voor een black-out met een stroomstoring tot 72 uur.” NIET IN PANIEK RAKEN Met de nieuwe veiligheidscampagne ‘Vast in de lift’ vestigt Liftinstituut de aandacht op het veilig handelen bij een liftopsluiting. “We snappen dat mensen bang zijn als ze vastzitten, maar de enige juiste reactie is: druk op de alarmknop, blijf rustig en probeer nooit jezelf te bevrijden. In een stilstaande lift kan de zuurstof namelijk nooit opraken. Ook zorgt een slim beveiligingssysteem ervoor dat de lift nooit naar beneden kan vallen. De meeste liften zijn zelfs voorzien van een spreek-luisterverbinding waarmee je in verbinding blijft met de meldkamer.” Van Vliet benadrukt dat “zelf de deuren openen en je naar buiten wurmen absoluut geen goed idee is. Mensen lopen dan het gevaar om in de liftschacht te vallen. Daarbij zijn eerder al doden en zwaargewonden gevallen. Ik vind het dan ook alarmerend dat ons onderzoek een toename laat zien van het aantal Nederlanders dat dit toch zou proberen. Nog zorgwekkender is dat het aantal mensen dat iemand anders zou bevrijden, is gestegen van 31 procent in 2021 naar 52 procent dit jaar. Dat moet je toch echt aan geschoolde professionals overlaten.”

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 10 Thermisch Actief Beton: duurzaam comfort en energie-efficiënt Gebouwen moeten niet alleen energiezuinig zijn, maar ook slim omgaan met schommelingen in energievraag- en aanbod. Thermisch Actief Beton (TAB) kan bij peakshaving een belangrijke rol spelen. Dat was één van de opvallende conclusies tijdens het symposium Thermisch Actief Beton op 11 november 2025 in het Depot Boijmans van Beuningen in Rotterdam, georganiseerd door Cement&BetonCentrum. Bij deze techniek zorgen leidingen in betonnen vloeren, plafonds en wanden voor verwarming en koeling. TAB blijkt niet alleen energiezuinig, maar ook comfortabel en toekomstbestendig. TEKST: ING. FRANK DE GROOT Thermisch Actief Beton (ook wel afgekort tot TAB) maakt gebruik van het accumulerende vermogen van beton. In een betonconstructie worden watervoerende leidingen geïntegreerd die zijn aangesloten op een klimaatinstallatie. Hierdoor kan beton worden opgewarmd of gekoeld. De temperatuur van het water wordt maar enkele graden hoger of lager ingesteld dan de gewenste binnentemperatuur. Door de kleine temperatuurverschillen ontstaat een geleidelijke uitwisseling van energie tussen het beton en de binnenruimte. Daardoor hoeft het systeem continu maar een beetje te worden aangepast. De warmte-uitwisseling vindt voor een groot deel plaats door straling. Het resultaat is een zeer stabiel en zelfregelend binnenklimaat met minimale temperatuurschommelingen, zonder vervelende bijverschijnselen als tocht, geluid of droge lucht. ZELFREGELEND EFFECT Een belangrijk voordeel van TAB is het zogeheten zelfregelend effect. Stel dat een betonmassa constant 22 °C is, dan: • Wordt het binnen warmer (bijvoorbeeld 24 °C), dan neemt het beton de warmte op en werkt het als een koelelement. • Wordt het binnen kouder (bijvoorbeeld 20 °C), dan geeft het beton warmte af en werkt het als een verwarmingselement. Zonder complexe regeltechniek ontstaat er op deze manier een natuurlijke balans tussen de massa van een gebouw en de binnentemperatuur. Dit effect maakt TAB niet alleen comfortabel, maar ook betrouwbaar en onderhoudsarm. ENERGIENEUTRAAL EN ALL-ELECTRIC TAB lijkt zo op het eerste gezicht op vloerverwarming, of -koeling, maar verschilt fundamenteel in werking. Bij vloerverwarming liggen de leidingen namelijk in de deklaag van de vloer, terwijl bij TAB de leidingen in de betonconstructie zelf zijn geïntegreerd. Dit betekent dat niet alleen het vloeroppervlak thermisch actief wordt, maar de volledige betonmassa. TAB combineert dus verwarming en energieopslag in één systeem, wat het aanzienlijk efficiënter maakt. Omdat een TAB-systeem al effectief werkt met zeer kleine temperatuurverschillen, kan het optimaal samenwerken met duurzame warmtebronnen zoals warmtepompen, zonnecollectoren, oppervlaktewater of aquiferopslag (lees verderop). Verwarming op deze wijze kan plaatsvinden met watertemperaturen rond 23 °C, en koeling met 18 °C. Hierdoor is TAB bij uitstek geschikt voor energieneutrale en all-electric gebouwen, en vormt het een belangrijke schakel in de transitie naar klimaatneutraal bouwen. TAB komt ook goed tot zijn recht in combinatie met warmte koudeopslag (WKO) in de bodem. In een WKO installatie wordt energie opgeslagen in watervoerende zandlagen, of zogenaamde aquifers. Een dergelijke installatie zorgt voor koel water in de zomer en warm water in de winter. In de zomer wordt namelijk koel grondwater door de leidingen in het beton gepompt. Dit water neemt warmte op uit de betonmassa en slaat die in op de bodem. In de winter gebeurt het omgekeerde: warm water uit de bodem verwarmt de betonmassa. Dankzij een dergelijke gesloten energiebalansprincipe zijn grote besparingen mogelijk. TECHNIEK ACHTER TAB De watervoerende leidingen (meestal zijn dit kunststof buizen) worden in lussen of spiralen in het beton opgenomen. De positie van deze leidingen bepaalt zowel de snelheid als de efficiëntie van de warmte uitwisseling: • Bij ruimten die vaker worden verwarmd, liggen de leidingen hoger in de vloer. • Bij ruimten die vaker gekoeld worden, liggen de leidingen juist wat lager in de vloer. Op deze manier wordt er optimaal gebruik gemaakt van de natuurlijke luchtstroming, waarbij warme lucht stijgt en koude lucht daalt. Soms worden aan beide zijden van de vloer leidingen geplaatst. Dan is isolatie tussen beide lagen wel noodzakelijk om zogenaamde thermische kortsluiting te voorkomen. Ook de diameter van de leidingen en onderlinge afstand, oftewel de steek, beïnvloeden het systeem. Grotere diameters en kleinere afstanden zorgen voor een snellere warmte-uitwisseling, terwijl kleinere diameters en grotere afstanden het systeem juist trager, maar wel accumulerender maken. Bij het ontwerp zal er dus een balans gevonden moeten worden tussen de gewenste reactiesnelheid en de opslagcapaciteit. AANDACHTSPUNTEN Thermisch Actief Beton is – afhankelijk van de positie van de leidingen - een relatief langzaam systeem. Individuele naregeling is te realiseren via een andere installatie. Bijvoorbeeld door lucht extra te verwarmen via de ventilatie. Tijdens het symposium discussieerden de sprekers over de vraag of individuele regeling echt noodzakelijk is, of dat kleine individuele verschillen kunnen worden opgevangen door kleding, of met persoonlijke attributen. Zo werd er een ziekenhuis genoemd dat bij patiënten die het iets te koud vinden, een mobiel infrarood paneel boven het bed hangt. PREFAB OF IN HET WERK? TAB-leidingen kunnen op de bouwplaats worden aangebracht, maar ook van tevoren in een fabriek worden geïntegreerd in prefab-betonelementen, zoals kanaalplaat- of breedplaatvloeren. Voordelen van volledige prefabricage zijn een hogere maatnauwkeurigheid en minder kans op beschadiging doordat medewerkers per ongeluk over leidingen lopen. Ook is er sprake van een snellere uitvoering waardoor verschillende disciplines tijdens de diverse installaties meer gescheiden kunnen werken. Afwijkingen in de positie van leidingen moeten tot een minimum worden beperkt. Kleine afwijkingen kunnen grote gevolgen hebben voor de thermische prestaties en voor de veiligheid bij latere boorwerkzaamheden. PEAKSHAVING MET TBA Tijdens het symposium kwam ook een onderzoek van dr. ir. Pieter Jan Hoes (TU Eindhoven) aan bod. Binnen het BEHeaT-programma (Built Environment Heat Transition), onderdeel van het Eindhoven Institute for Renewable Energy Systems (EIRES), wordt onderzocht hoe thermisch actieve bouwdelen kunnen worden ingezet voor peakshaving: het afvlakken van pieken in energieverbruik en -vraag. “Peakshaving is essentieel in een energiesysteem waarin duurzame bronnen zoals zon en wind fluctuerend zijn. Door warmte op te  Massieve vloer waarin de leidingen voor elektra, ventilatie, sanitair, waterleiding en verwarming/koeling (betonkernactivering) zijn ingestort. Foto: Olbecon.  Werking TAB. Beeld: Cement&BetonCentrum.  TAB versus vloerverwarming. Beeld: Cement&BetonCentrum. COMBINATIE VAN VOORDELEN TAB Een goed ontworpen TAB-Systeem levert een bijzondere combinatie van voordelen: • Constante temperatuur en hoog comfortniveau. • Lage energiekosten door gebruik van lage-temperatuurverwarming en hoge-temperatuurkoeling. • Onderhoudsarm en betrouwbaar door het zelfregelend effect. • Grote bijdrage aan BENG en duurzaamheidsdoelen. • Esthetisch voordeel: geen radiatoren, zichtbare luchtkanalen of ventilatieplafonds nodig. Thermisch actief beton past daarmee goed in de visie van circulair, energiezuinig en toekomstgericht bouwen.

11 NUMMER 12 - DECEMBER 2025 BETON slaan in de gebouwmassa tijdens momenten van lage netbelasting - bijvoorbeeld ’s nachts of bij overschot aan zonne-energie - en deze warmte later te gebruiken, wordt het net ontlast. Dit voorkomt piekbelasting en draagt bij aan een stabielere energievoorziening”, aldus Pieter Jan. Hij werkt met zijn team aan multi-scale simulaties waarin de interactie tussen gebouw, gebruiker en energienet wordt gemodelleerd. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de fysieke eigenschappen van beton, maar ook naar gedrag van gebruikers, zoninstraling, interne warmtelasten en klimaatdata. Voor architecten en opdrachtgevers betekent dit dat constructieve keuzes direct invloed hebben op de energieprestatie van een gebouw. Een gebouw met zware betonnen vloeren en geïntegreerde betonkernactivering (BKA) kan fungeren als een thermische buffer, mits: • De isolatie en zonwering goed zijn afgestemd. • Er een warmtepomp of WKO systeem aanwezig is. • De regeltechniek dynamisch en voorspellend is. “Ontwerpoptimalisatie is cruciaal. Ons onderzoek maakt gebruik van multi-objectieve optimalisatie, waarbij comfort, energieverbruik en flexibiliteit worden afgewogen. Dit leidt tot ontwerpen die niet alleen energiezuinig zijn, maar ook robuust en toekomstbestendig”, aldus Pieter Jan. ONDERZOEK Binnen TU/e worden de modellen gevalideerd in living labs en pilotprojecten. Hierbij wordt samengewerkt met industriepartners en gemeenten. De focus ligt op: • Meetcampagnes in gebouwen met betonkernactivering (BKA). • Validatie van simulatiemodellen. • Ontwikkeling van regelalgoritmen. • Scenario-analyse voor netimpact. Een voorbeeld is het TROEF project, waar Pieter Jan Hoes bij betrokken is. TROEF staat voor ‘Transparant Reduceren van CO2 en Optimaliseren van Energie in een ecosysteem van Flexibiliteit’. Binnen dit project keek men naar het geheel van energiegemeenschappen die kunnen bestaan uit gebouwen, laadpalen voor EV’s en elektrische batterijen. Bij Pieter Jan lag de focus binnen TROEF specifiek op de rol van gebouwen bij een dergelijke energiegemeenschap. De TU Eindhoven heeft bij vier kantoren in Nederland verschillende verwarmings strategieën toegepast en gebruikers van deze kantoren steeds gevraagd naar het ervaren thermisch comfort. Het ervaren thermisch comfort veranderde niet tijdens het veranderen van de verwarmings strategieën. In modellen is een vergelijking gemaakt tussen thermische massa en elektrische batterijen. Binnen de grenzen van thermisch comfort werd zo efficiënt, dus zo goedkoop mogelijk, verwarmd. Dit rekening houdend met variabele prijs per kWh en eigen productie van PV panelen. Gecombineerd levert het gebruik van de thermische massa van het gebouw ongeveer evenveel capaciteit als de 200 kWh batterij in het stookseizoen voor wat betreft het verschuiven van energiebehoefte gedurende de dag. ENERGIEOPSLAGMEDIUM Het werk van Pieter Jan laat zien dat beton meer is dan een constructiemateriaal alleen: “In de energietransitie kan beton een actieve rol spelen als energieopslagmedium, mits goed ontworpen en aangestuurd. Dit vraagt om samenwerking tussen disciplines: bouwfysica, installatietechniek, energienetwerken en gebruikersgedrag.” Voor de bouwsector biedt dit kansen: • Lagere energiekosten door peakshaving. • Betere benutting van duurzame opwekking. • Verhoogd comfort zonder extra installaties. • Toekomstbestendige gebouwen met flexibele energieprofielen. CONCLUSIE De onderzoeken van Pieter Jan aan de TU Eindhoven tonen aan dat energieopslag in beton geen toekomstmuziek is, maar een realistische en effectieve strategie voor duurzame gebouwen. Door de thermische massa van beton actief te benutten via betonkernactivering in nieuwbouw én via ventilatieve warmteoverdracht in bestaande bouw, kunnen gebouwen bijdragen aan een stabieler en duurzamer energiesysteem. Voor architecten, opdrachtgevers en ingenieurs betekent dit dat constructieve keuzes niet alleen esthetisch en functioneel zijn, maar ook energetisch strategisch. Zelfs zonder grote bouwkundige aanpassingen kunnen bestaande gebouwen worden geoptimaliseerd voor peakshaving, mits ventilatie en regeltechniek slim worden ingezet. Beton wordt daarmee niet alleen een bouwsteen van de energietransitie, maar ook een actieve component in het energiesysteem van morgen. BENUTTEN THERMISCHE MASSA IN BESTAANDE BOUW Ook de bestaande bouw biedt kansen om de thermische massa van beton te benutten. In gebouwen waar geen leidingen in de constructie zijn geïntegreerd kan de warmteoverdracht plaatsvinden via het binnenklimaat, met name door luchtstroming en ventilatie. Door slimme aansturing van het ventilatiesysteem – bijvoorbeeld door ’s nachts koelere buitenlucht langs betonnen plafonds en wanden te laten stromen – kan warmte worden afgevoerd en koude worden opgeslagen in de massa. Overdag wordt deze koude dan langzaam afgegeven, waardoor het binnenklimaat stabiel blijft en actieve koeling wordt beperkt. Deze techniek staat bekend als ventilatieve koeling en wordt steeds vaker toegepast in renovatieprojecten. In combinatie met zonwering, nachtventilatie en adaptieve regelstrategieën kan de thermische massa van beton ook in bestaande gebouwen bijdragen aan energie efficiëntie en peakshaving.  Betonkernactivering in een verdikte onderschil van een kanaalplaatvloer. Beeld: Olbecon.  “Peakshaving is essentieel in een energiesysteem waarin duurzame bronnen zoals zon en wind fluctuerend zijn. Door warmte op te slaan in de gebouwmassa tijdens momenten van lage netbelasting en deze warmte later te gebruiken, wordt het net ontlast”, aldus dr. ir. Pieter-Jan Hoes (TU Eindhoven). Foto: Olbecon.  Door de thermische massa van beton actief te benutten via betonkernactivering in nieuwbouw én via ventilatieve warmteoverdracht in bestaande bouw, kunnen gebouwen bijdragen aan een stabieler en duurzamer energiesysteem. Foto: Frank de Groot.

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=