5 NUMMER 1 - FEBRUARI 2026 ACTUEEL In de politiek is het momenteel weer ‘gratis-beloftes-seizoen’. Met de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart voor de deur, buitelen partijen over elkaar heen met ronkende kreten. Een echte hardnekkige klassieker, ook dit jaar: ‘Bouwen, bouwen, bouwen!’ Het klinkt als een opzwepende kreet langs de lijn bij een voetbalwedstrijd, maar we weten allemaal: veel beloven en weinig geven, doet de gek in vreugde leven. Natuurlijk, de cijfers liegen niet. Nederland kampt begin 2026 met een tekort van zo’n 410.000 woningen. In ons eigen Ermelo ligt er een opgave om tot 2035 zeker 1.400 woningen toe te voegen. Maar als een lijsttrekker suggereert dat we die nieuwe wijken simpelweg even uit de grond stampen, vraag ik me af: voor wie bouwen we eigenlijk? En vooral: waarvóór? We kennen allemaal de verhalen van de ‘eeuwige pubers’ die op hun dertigste nog steeds op hun oude zolderkamer bij pa en ma bivakkeren. Moeten we dan juist voor jongeren bouwen of houden 70-plussers grote woningen bezet en verhinderen zij de doorstroom? Voor een juist beeld laten gemeenten onderzoek doen naar de demografische ontwikkeling, want ouderenhuisvesting – ik zeg maar wat – ver weg in het buitengebied ligt niet echt voor de hand. WONINGNOOD In de politieke arena wordt de woningnood ook nog weleens makkelijk afgewenteld op asielzoekers: ‘Zij pikken onze huizen in.’ De werkelijkheid, ook in Ermelo is echter genuanceerder. Het tekort wordt hier vaker gevoeld door ‘spoedzoekers’. Dat zijn mensen die net gescheiden zijn en halsoverkop met de kinderen een dak boven hun hoofd nodig hebben. We kampen met ‘verdunning’: we wonen met steeds minder mensen in één huis, maar de gewenste vierkante meters per persoon krimpen niet mee. De kreet ‘bouwen-bouwen-bouwen’ is volstrekt inhoudsloos als je de randvoorwaarden negeert. We hebben te maken met de uitbreidingsdrift van Defensie, de stikstofkwestie die nog altijd op de bouwsector drukt en een energienet dat zo vol zit als een parkeerplaats bij de supermarkt op zaterdagmiddag. Verstandige keuzes maken betekent ook: impopulaire keuzes maken. Want zodra die ‘verstandige keuze’ concreet wordt, staan de buren op de achterste benen. Parkeerdruk, verlies van uitzicht, of simpelweg ‘niet hier’. Onze rechters hebben het er maar druk mee: uitleggen dat het grotere maatschappelijke belang zwaarder weegt dan de drie buren die elkaar in de buurt-WhatsApp hebben opgehitst over ‘welke idioot dit bedacht heeft’. BETAALBAARHEIDSGRENS En dan hebben we het nog niet over de prijs gehad. De ‘betaalbaarheidsgrens’ ligt sinds 2025 op € 405.000,-. Dat is een hoop geld voor een starter, zeker als je bedenkt dat de gemiddelde verkoopprijs in het ‘woestaantrekkelijke’ Ermelo inmiddels ruim 10% boven het landelijke gemiddelde van vijf ton ligt. Om dat te tackelen, hanteert Ermelo de richtlijn dat 50% van de nieuwbouw sociaal of ‘goedkoop’ moet zijn. Op schaarse grond betekent dat onherroepelijk: optimaal gebruik maken van de ruimte door de hoogte in te gaan. Een woningbouwproject duurt van eerste schets tot sleuteloverdracht al snel drie tot tien jaar. Dat stamp je niet even uit de grond in één verkiezingsperiode. Stop met luchtkastelen bouwen, met dat goedkope scoren vlak voor de stembusgang, met loze kreten of het afschuiven van schuld. Laten we integraal afwegen wat nodig is voor de leefbaarheid van morgen: infrastructuur, voorzieningen en groen. Bouwen aan een samenleving is meer dan stenen stapelen; het is vooruitkijken met een rechte rug. Want vooral voor politici geldt, zeker na 18 maart: belofte maakt schuld. Arap-John Tigchelaar, wethouder gemeente Ermelo Gouden bergen op de Veluwe BOUWVISIE ARAP-JOHN TIGCHELAAR Gebouwtechnologie Nederland bundelt technologische maakindustrie Van links naar rechts: Jeroen Gevers (FME), Jan Verdonck (Voorzitter Vereniging Distributie en Afgifte Industrie), Frank Methorst (Voorzitter Rogafa), Jan-Willem Voshol (Voorzitter NVKL), Charles Smets (Bestuur NVKL), Dorien Terpstra (Voorzitter Binnenklimaat Nederland), Jan Willem van Boven (Bestuur Rogafa), Marco Workel (Adjunct directeur FME), Bert van Dorp (Bestuur Binnenklimaat Nederland), Coen van de Sande (FME, NVKL, kwartiermaker Gebouwtechnologie), Dado Cukor (Bestuur Vereniging Distributie en Afgifte Industrie), Diem Kemper (Bestuur Vereniging Distributie en Afgifte Industrie) en Walid Atmar (FME, Binnenklimaat Nederland, kwartiermaker Gebouwtechnologie). Op 8 januari 2026 is Gebouwtechnologie Nederland officieel van start gegaan. Met de gezamenlijke kick-off en de aansluiting van FME wordt een belangrijke volgende stap gezet in het bundelen van krachten binnen de technologische maakindustrie in de gebouwde omgeving. De komende jaren staan in het teken van onder meer verduurzaming van de gebouwde omgeving, gezond binnenklimaat, netcongestie, betaalbaarheid, personeelstekorten, circulariteit en het realiseren van gezonde, toekomstbestendige gebouwen. Om deze transities te laten slagen, is het cruciaal dat de toepassing van innovatieve technologieën versnelt. Dit vraagt om een sterker innovatiegericht aanbestedingsbeleid, betere samenwerking tussen overheid en industrie, en actieve stimulering van technologieadoptie in de gebouwde omgeving. Tegelijkertijd was de technologische maakindustrie in de gebouwde omgeving tot voor kort versnipperd georganiseerd. Dit leidde tot beperkte slagkracht en maakte het voor overheid en stakeholders lastig om één duidelijk aanspreekpunt te hebben. Met Gebouwtechnologie Nederland willen de aangesloten partijen één herkenbaar aanspreekpunt voor overheid en stakeholders, met een sterke inhoudelijke basis en verbinding met de praktijk. STERKE GROEI In het afgelopen jaar hebben steeds meer partijen zich verbonden aan Gebouwtechnologie Nederland. Binnenklimaat Nederland, NVKL (Nederlandse Vereniging van ondernemingen op het gebied van de Koudetechniek en Luchtbehandeling), Rogafa (branchevereniging voor fabrikanten van rookgasafvoersystemen) en de Vereniging Distributie en Afgifte Industrie zijn inmiddels aangesloten. Met de aansluiting van FME wordt de positie van Gebouwtechnologie Nederland aanzienlijk versterkt. Waar de samenwerking al een brede vertegenwoordiging binnen HVAC (verwarming, ventilatie en koeling) en gebouwinstallaties omvat, zorgt FME ervoor dat ook de bredere technologische maakindustrie binnen de gebouwde omgeving is vertegenwoordigd. Hierdoor ontstaat extra samenhang tussen ontwerp, uitvoering, productie en innovatie. FME brengt daarnaast ervaring en capaciteit mee op het gebied van belangenbehartiging, innovatieprogramma’s en strategische positionering. Dit vergroot de slagkracht van Gebouwtechnologie Nederland richting politiek, overheid en markt. Met de aansluiting van FME ontstaat bovendien meer verbinding met strategische thema’s als energie-infrastructuur, circulariteit, digitalisering en het arbeidstekort. FME zet zich met het Aanvalsplan Techniek samen met andere branches in voor voldoende technisch talent om de transities te realiseren VAN INTENTIE NAAR UITVOERING Met de officiële kick-off start de uitvoeringsfase. De aangesloten partijen leggen de focus op concrete resultaten en zichtbare samenwerking. Inmiddels zet de groei van Gebouwtechnologie Nederland door. Op korte termijn wordt verwacht dat meerdere branches zich zullen aansluiten. Daarmee ontwikkelt het samenwerkingsverband zich verder tot een brede en herkenbare vertegenwoordiging van gebouwtechnologie binnen de gebouwde omgeving, met één gezamenlijke stem richting beleid en markt. (Branche)organisaties die andere domeinen vertegenwoordigen, kennis willen inbrengen of willen samenwerken aan projecten, worden uitgenodigd om contact op te nemen en het gesprek aan te gaan. Ga naar https://gebouwtechnologie.nl.
RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=