BouwTotaal 11 - 2022

PLATFORM VOOR HEEL BOUWEND NEDERLAND 16 Bouw- en sloopveiligheid onder de Omgevingswet Opdrachtgevers en bouwende partijen moeten niet alleen zorgen voor een veilige bouwplaats, ze moeten ook zorgen dat de omgeving geen gevaar loopt bij de werkzaamheden. Bouwbesluit 2012 kent daartoe regels voor bouw- en sloopveiligheid en ook in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) zijn dergelijke regels opgenomen. Waar moet je allemaal rekening mee houden? TEKST: IR. HAJÉ VAN EGMOND, GEREGELD BV EN ING. FRANK DE GROOT Op 3 augustus 2015 vielen in Alphen aan den Rijn tijdens het inhijsen van een brugdek twee kranen om. De kranen en het brugdek vielen op naastgelegen woningen en winkels. Wonder boven wonder vielen daarbij geen slachtoffers. Amper een jaar later ging het gruwelijk mis bij de vernieuwing van het voormalige VROM-gebouw in het centrum van Den Haag. In de ochtend van 26 mei 2016 kwamen tijdens het hijsen van steigerdelen, twintig delen los. Deze vielen van ruim zestig meter hoogte naar beneden en kwamen deels buiten het bouwterrein terecht, middenin het voetgangers- en fietsverkeer. Een voorbijgangster werd geraakt en overleed. Daarnaast zijn er talrijke andere hijsincidenten geweest, maar gelukkig met minder catastrofale afloop. Naar aanleiding van deze incidenten adviseerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) om één centrale partij aan te wijzen die zorgdraagt voor een systematische beheersing van de risico’s bij bouwwerkzaamheden. Het advies van de OVV was verder om te komen met een afwegingskader dat bepaalt wanneer een bouw- en sloopveiligheidsplan bij de gemeente moet worden aangeleverd. Per 1 juli 2020 zijn de eerste maatregelen om invulling te geven aan deze aanbevelingen in Bouwbesluit 2012 opgenomen. Vanaf die datum geldt bij hijswerkzaamheden bij de bouw van een gebouw de verplichting om de in de Landelijke richtlijn Bouw- en sloopveiligheid aangegeven veiligheidsafstand aan te houden. Ook geldt vanaf die datum de verplichting om de naam en contactgegevens in te dienen van diegene die de maatregelen inzake bouw- en sloopveiligheid coördineert. De daadwerkelijk verplichting om een veiligheidscoördinator directe omgeving aan te wijzen is daarmee nog niet geregeld. Die plicht wordt pas met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (naar verwachting 1 juli 2023) van kracht. Dit omdat Woningwet en Bouwbesluit 2012 onvoldoende grondslag bieden om eisen te stellen aan het bouwproces. WAT ZEGT HET BOUWBESLUIT? Om de omgevingsveiligheid te verhogen stelt het Bouwbesluit als eis: ‘Bij bouw- en sloopplaatsen van een te bouwen of te slopen gebouw wordt een veiligheidsafstand vrijgehouden bepaald volgens paragraaf 6.2 van de Landelijke richtlijn Bouw- en sloopveiligheid’ (Hoofdstuk 8, artikel 8.2). Deze richtlijn is ontwikkeld door de Vereniging Bouw- en Woningtoezicht Nederland. Sinds 2020 is deze richtlijn voor een deel aangestuurd in Bouwbesluit 2012 waardoor de bouwveiligheidszone, de hijszone en het hijsgebied van een bouw- en sloopplaats prestatie-eisen zijn geworden. Belangrijk onderdeel van de richtlijn is de zogenoemde bouwveiligheidszone (BVZ), het gedeelte van de aan het bouw- of sloopwerk grenzende gebied waarin geen publiek aanwezig is. De grootte van de bouwveiligheidszone wordt bepaald door de hoogte van ofwel het gebouw ofwel de hijslast. Hoe hoger het gebouw of de hijslast, des te groter de zone. De breedte van de zone volgt de contouren van het gebouw. In specifieke situaties kunnen alternatieve oplossingen worden goedgekeurd op basis van gelijkwaardigheid, zolang hierdoor geen verhoogd risico ontstaat voor derden. De bouwveiligheidszone in de richtlijn is vergroot ten opzichte van eerdere richtlijnen. Nieuw is vooral dat je rekening moet houden met vallende voorwerpen die kunnen afstuiten op objecten in het valtraject. Objecten die de val kunnen beïnvloeden, zijn onder meer hefsteigers, bouwliften en hulpconstructies. ZWARE, VALLENDE VOORWERPEN De bouwveiligheidszone heeft alleen betrekking op kleine en relatief lichte voorwerpen (tot 5 kg). Voor zwaardere voorwerpen doet het gevaar zich voor tijdens het lossen, hijsen en monteren. Hiervoor gelden de hijszone en het hijsgebied. Het hijsgebied is de hijszone, aangevuld met de bouwveiligheidszone. Wordt er voor een gevel of steiger langs omhooggehesen, komt daar extra nog aanvullend een derde deel (1 /3) van de bouwveiligheidszone bij. Belangrijk daarbij is de omvang van het object. Als bijvoorbeeld een vloerelement met een lengte van 8 meter wordt gehesen tot een hoogte van 20 meter (de bouwveiligheidszone is 4 meter), is het hijsgebied voor dit element vanaf de gevel van het bouwwerk: 8 + 4 + 1 /3 · 4 = 13,3 meter. OMGEVINGSWET Onder de Omgevingswet – die naar verwachting op 1 juli 2023 van kracht wordt - wordt naast de prestatie-eis voor de veiligheidsafstanden ook de Veiligheidscoördinator Directe Omgeving (VDO) geïntroduceerd. Na invoering van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl, opvolger van Bouwbesluit) geldt als een verplicht aanvraag- of indieningsvereiste voor een bouw- en/of sloopactiviteit de invulling van een zogeheten risicomatrix (zie verderop). Indien na invulling van de risicomatrix blijkt dat er sprake is van veiligheids- of gezondheidsrisico’s op het betreffende werk, moet een veiligheidsplan worden opgesteld alsmede een VDO te worden aangesteld door de hoofdaannemer. Voor de duidelijkheid: de toekomstige kwaliteitsborger heeft in principe niet de taak om toe te zien op de veiligheid op de bouwplaats of in de omgeving daarvan. Daar zijn andere personen verantwoordelijk voor. Zo is de V&G-coördinator uit het Arbeidsomstandighedenbesluit verantwoordelijk voor de veiligheid op de bouwplaats zelf. Straks onder de Bbl is de Veiligheidscoördinator Directe Omgeving verantwoordelijk voor de veiligheid in de directe omgeving. Wat onder de ‘directe omgeving’ moet worden verstaan is afhankelijk van de locatie en aanwezigheid van bebouwing en mensen in de omgeving van het bouw- en/of sloopproject, alsmede van risico’s van het betreffende sloop- en/of bouwwerk. VEILIGHEID EN OMGEVINGSVERGUNNING Bouw- en sloopveiligheid is in de Omgevingswet in eerste instantie uitgewerkt als een onderdeel van de te verlenen omgevingsvergunning voor een ‘technische’ bouwactiviteit. Dat verdient even nadere uitleg. In de Omgevingswet wordt de vergunningplicht voor het bouwen opgeknipt in een technisch deel en een ruimtelijk deel. We spreken daarbij over ‘activiteiten’, in plaats van ‘bouwen’. Het technische deel betreft de bouwactiviteit en daarvoor gelden landelijke eisen, die in het Bbl staan. Het ruimtelijke deel is een omgevingsplanactiviteit en daarvoor stelt de gemeente de eisen in het omgevingsplan (opvolger van het bestemmingsplan). Het niet voldoen aan de regels van hoofdstuk 7 ‘Bouw- en sloopwerkzaamheden’ van het Bbl zou dus een weigeringsgrond kunnen worden voor de omgevingsvergunning. Door deze regels onderdeel te laten zijn van de vergunning ontstaat het risico dat een bouwer zich in geval van gewijzigd inzicht of gewijzigde omstandigheden beroept op zijn vergunning (‘Ik heb toch al een vergunning?’) en zijn extra maatregelen niet meer mogelijk. Besloten is daarom de Omgevingswet op dit punt te corrigeren zodat de regels gedurende de gehele bouw algemeen geldend blijven en de regels van hoofdstuk 7 Bbl bij overtredingen zelfstandig handhaafbaar zijn. Denk aan  Het lijkt niet meer dan logisch om de taken van de V&G-coördinator en de veiligheidscoördinator in één hand te houden en de beide veiligheidsplannen te integreren. Het hijsongeval in Den Haag in 2016 laat de noodzaak hiervan zien: als de steigerdelen bij de val binnen het hek waren gebleven en een bouwvakker hadden geraakt, dan hoorde het ongeval bij bouwplaatsveiligheid. Nu vielen de steigerdelen erbuiten en werd een voorbijganger dodelijk getroffen. Hiermee werd het dus omgevingsveiligheid. Foto: Politie/landelijke eenheid en OVV.  Op 3 augustus 2015 vielen in Alphen aan den Rijn tijdens het inhijsen van een brugdek twee kranen om.  Figuur 1. Bouwveiligheidszone en Hijszone. Hijszone aan de linker- en rechterzijde begrensd door de belending, aan de voorgevel begrensd door het al dan niet aanwezig zijn van een bouwveiligheidszone BVZ BVZ BVZ BVZ BVZ BVZ BVZ Objectafhankelijke hijszone Bouwveiligheidszone 1/3 Bouwveiligheidszone hijsgebied hijsgebied Te bouwen/slopen object belending is in gebruik BVZ = bouwveiligheidszone openbare ruimte belending is in gebruik belending in BVZ veilig gebruik aantonen zie art. 6.3.5

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=